Heerlen, Maankwartier

Hoofdingang van het nieuwe station Heerlen

Je hebt in Nederland een paar echte steden en een heleboel kleine steden met een gemeentebestuur dat denkt aan het hoofd te staan van een grote stad. Er zou een boek te schrijven zijn – het is ongetwijfeld al gedaan – over de daaruit voortvloeiende ongelukjes en ongelukken. Bedrijfsterreinen zonder huurders. Wegen naar nergens. Woonwijken waar de loop niet in komt. De voetbalclub die naar de eredivisie moet en via allerlei semilegale constructies aan geld wordt geholpen. Leegstaande kantoren. Bij mij in het dorp heeft de gemeente voor veel geld een haven gegraven waar nauwelijks schepen komen. De zeesluis is trouwens ook niet groot genoeg.

Dit alles gebeurt zó vaak dat het hekelen van bestuurlijke overmoed een eigen journalistiek genre is. Dat is ook goed. Bestuurders kunnen beter een keer te vaak dan een keer te weinig worden bekritiseerd. Maar soms lijkt het hekelen een doel in zichzelf en een voorbeeld is het Maankwartier in Heerlen.

Lees verder “Heerlen, Maankwartier”

Hoe zagen antieke gebouwen eruit?

Het is weleens gemeten: wanneer op TV woorden ancient, old of the past vielen, vermindert bij de meeste kijkers de belangstelling. Dat is weleens anders geweest. Nog geen halve eeuw geleden had de Oudheid nog prestige. Nu is het Romeinse Rijk op zijn best een verdienmodel, is de “boreale cultuur” de truc waarmee een politicus de aandacht afleidt van inhoudsloosheid, en geldt de Oudheid in brede kringen als intellectueel oninteressant.

Ter verklaring van die ontwikkeling zijn verschillende factoren te noemen en één daarvan is richtingloze voorlichting. Net als in het onderwijs dient er bij voorlichting een opbouw te zijn. Je trekt eerst de aandacht, levert dan wat eerste informatie, levert geïnteresseerden vervolgens wat aanvullende informatie en brengt mensen zo steeds meer in een staat van vertrouwdheid, waarbij ze het beschouwen als iets van henzelf. Musea doen dat prima: denk maar aan de grote borden bij de ingang van een zaal, de middelgrote borden bij de vitrines en de kleine bordjes bij elk voorwerp. Iedereen kan zo kennis nemen op zijn of haar eigen niveau. De voorlichting over de Oudheid – denk aan boeken, vlogs, websites, erfgoedpresentatie en wat dies meer zij – laat deze opbouw vaak achterwege. Zeker de limesvoorlichting is, door steeds dezelfde primaire informatie te herhalen, een schoolvoorbeeld van junk news, dat de geïnteresseerde doet concluderen dat oppervlakkige informatie alles is wat er is, dat er geen verdieping bestaat en dat het dus niet de moeite waard is. Zo jaag je mensen weg, en ik heb bij mijn mail elke maand wel wat mensen die het voor gezien houden.

Lees verder “Hoe zagen antieke gebouwen eruit?”

Het vernieuwde Thermenmuseum

Het Thermenmuseum

Het economische zwaartepunt van de Lage Landen lag in de Romeinse tijd in het zuiden van die Lage Landen, bij de villa’s op de lössgronden. In Nederland telde eigenlijk alleen Zuid-Limburg een beetje mee. Noordelijker waren er de arme Kempen, nog wat noordelijker waren de forten van het rivierenlandschap (de limes dus), nog noordelijker waren de gebieden waar de Limburgse boeren hun vee naartoe lieten verweiden en helemaal in het noorden waren de terpen en wierden. Omdat het zuiden het zwaartepunt vormde, is het Thermenmuseum in Heerlen eigenlijk hét centrum van Romeins Nederland, zeker nu ook het Limburgs archeologisch provinciaal depot hier wordt gevestigd en er een belangrijk restauratieatelier is. Als u eens een fijn weekendje weg wil, combineer Heerlen dan met Tongeren. Aken en Maastricht zijn ook wel aardig, trouwens.

Het Thermenmuseum heeft een geweldige collectie, prachtig ontsloten ook, en je ziet er een van de grootste ruïnes uit de Benelux: een Romeins badhuis. Beter hebben we het in Nederland niet.

Lees verder “Het vernieuwde Thermenmuseum”

Romeins Zuid-Limburg

Grafsteen van een Romeins echtpaar (Thermenmuseum, Heerlen)

De provincie Limburg – voor Vlaamse lezers: de Nederlandse helft van het oude hertogdom – was zo vriendelijk me een exemplaar te sturen van een reisgids voor Romeins Zuid-Limburg: Via Belgica. Romeins Zuid-Limburg. Het was hoog tijd dat zo’n gids er kwam, want ’s Neêrlands antieke verleden wordt steeds verder gereduceerd tot de limes. Een bizar voorbeeld van die verschraling is dit stuk in De Volkskrant, waarin een journalist zonder kritiek reproduceert dat in Nederland zichtbare Romeinse monumenten ontbreken. Hier is óf het badhuis van Heerlen (een van de grotere ruïnes benoorden de Alpen) weggereduceerd uit ons antieke verleden óf Limburg weggereduceerd uit Nederland. Ik stoor me weleens aan Limburgers die van alles wat vies en voos is de schuld geven aan de rest van Nederland, maar in dit geval hebben ze volkomen gelijk. Nu mogen die Limburgers ook zelf weleens de trom roeren om te verhinderen dat ze uit Nederlands Romeinse verleden worden weggeschreven, en gelukkig is er nu de reisgids.

Een andere vraag is of die zijn doel bereikt en daar kun je op twee manieren naar kijken: trekt dit mensen naar Limburg of trekt het mensen naar Romeins Limburg? Het eerste gaat beter dan het tweede.

Lees verder “Romeins Zuid-Limburg”

Goed nieuws over het Thermenmuseum

Het badhuis in Heerlen (het ziet er inmiddels beter uit maar ik heb alleen deze wat oudere foto)

Ik weet het: een stukje dat begint met “de grootste ruïne” suggereert dat er iets negatiefs gaat komen. De grootste ruïne, dat is de economie van Griekenland, de Amsterdamse binnenstad, de Italiaanse politiek, de puinhopen van Paars. Het is zelden een aanbeveling, behalve in Heerlen, waar de grootste Romeinse ruïne uit Nederland is te zien: in het Thermenmuseum liggen de resten van een enorm badhuis. Het museum heeft ook een geweldige collectie Romeinse vondsten uit Zuid-Limburg.

Het Rijksmuseum van Oudheden is een algemeen museum, het Valkhof en Hoge Woerd richten zich overwegend op de gemilitariseerde periferie van de limes, en wie het gewone, civiele Romeinse leven in de Lage Landen wil kennen, moet naar Heerlen, dat zich daarbij perfect laat combineren met het Gallo-Romeinse museum in Tongeren en eventueel de Katakomben van Valkenburg. Ik zou vaker over “de Euregio” schrijven als het, vanuit Amsterdam, niet zo verdraaid ver weg was. (Wat overigens bewijst hoe perifeer Amsterdam in Europa eigenlijk ligt.)

Lees verder “Goed nieuws over het Thermenmuseum”

Romeinenweek: Thermenmuseum

badhuis
De grootste Romeinse ruïne in Nederland

Tijdens deze Romeinenweek – vandaag zijn er zevenenveertig activiteiten – ben ik een kijkje wezen nemen in het Thermenmuseum in Heerlen, waar ik een jaar of vijf geleden voor het laatst was geweest. Het bestaat uit drie delen: een ruimte voor tijdelijke exposities, de enorme hal waarin je vanaf een loopbrug ’s lands grootste ruïne kunt zien, en daar achter de vernieuwde permanente tentoonstelling.

Was dat vroeger een algemene introductie tot de Romeinse cultuur, tegenwoordig staat vooral Romeins Zuid-Limburg centraal. Ik zag heel andere voorwerpen dan ik me van eerdere bezoeken herinnerde en de pronkstukken komen nu heel goed tot hun recht. Het voornaamste verschil is echter dat het allemaal wat ruimtelijker is opgesteld. Op de loopbrug over de ruïne zijn bovendien mooie animaties te zien van hoe het gebouw in elkaar heeft gestoken. Het museum is duidelijk verbeterd.

Lees verder “Romeinenweek: Thermenmuseum”