Chinese filosofie (3) De Zhou-cultuur

Bijl (Wereldmuseum, Leiden)

[De komende tijd zal Kees Alders enkele blogseries schrijven over de antieke Chinese en Indische filosofische stromingen. Een inleiding was hier; het eerste deel over China was daar, en hieronder staat het derde deel, dat gaat over drie belangrijke geschriften uit de Zhou-tijd, en over de problemen tegen het einde van die periode.]

Waar we de Shang-tijd vooral kennen door hun inscripties van offerbotten, waren de Zhou echte schrijvers en verhalenvertellers. Veel geschriften uit de vroege Zhou-tijd, de zogeheten Westelijke Zhou, kwamen later terecht in de Chinese canonieke literatuur. Ik behandel de belangrijkste drie.noot Ik geef daarbij eerst de naam van het werk in het Nederlands, daarna de pinyin-schrijfwijze (de officiële door China gehanteerde methode om Chinees in westers schrift om te zetten), en vervolgens een paar verouderde schrijfwijzen die de lezer in oudere of minder wetenschappelijke stukken zou kunnen lezen, zodat duidelijk is dat het hier om hetzelfde gaat.

Lees verder “Chinese filosofie (3) De Zhou-cultuur”

Verdeeld en herenigd China

Hofdame (Tang-dynastie; Museum für Kunst und Gewerbe, Brussel)

[Dit is laatste van drie blogjes over de geschiedenis van China. Het eerste was hier. In de tussentijd zijn we alweer een stap verder met de tijdcategorieën: als het goed is, zitten ze nu netjes achter een uitklapraampje. Bedankt Kees!]

Verdeeldheid

In de vroege derde eeuw na Chr. kwam een einde aan de Han-dynastie. Al sinds de jaren 180 was er onrust en streden war lords om de macht; in 220 trad de laatste Han-keizer af. Het is aantrekkelijk een verband te leggen met het einde van het klimaatoptimum. En zoals het Romeinse Rijk in de derde eeuw een crisis doormaakte, zo geraakte ook China in de problemen. De tijd tussen 220 en 280 staat bekend als de Periode van de Drie Koninkrijken.

Lees verder “Verdeeld en herenigd China”

Han-China

Wandtegel uit de Han-periode (Wereldmuseum, Leiden)

[Dit is het tweede van drie blogjes over de geschiedenis van China. Het eerste was hier.]

Hereniging

Het was een chaotische tijd, waarin de kleine staten onderling streden. Gaandeweg bleven er maar zeven over. Ook die voerden oorlog en de periode na 481 staat daarom bekend als de Periode van de Strijdende Staten. Officieel was er nog steeds een hoge koning, maar die had alleen in Luoyang nog iets te vertellen. Uiteindelijk won de westelijk staat Qin het conflict. Ons woord “China” is een verbastering van Qin.

Lees verder “Han-China”

Prehistorisch China

Laat-Neolithisch aardewerk uit China (Musée Guimet, Parijs)

Deze blog gaat over de antieke wereld, dus de periode tussen pak ’m beet 3000 v.Chr. en 650 na Chr. De chronologische afbakening is simpel: daarvóór hebben we vooral archeologische bewijsmateriaal, daarna hebben we voldoende geschreven bronnen om te komen tot werkelijke geschiedschrijving. In de westelijke periferie ligt de einddatum iets later, maar voor het economisch, stedelijk en cultureel zwaartepunt van de antieke wereld, het oostelijk bekken van de Middellandse Zee, vormt het jaar 650 een mooi eindpunt.

De geografische grens is minder scherp. Daarom besteed ik ook regelmatig aandacht aan de Sao– en de Nok-culturen in subsaharaal Afrika en aan de culturen van Centraal-Eurazië. De Zijderoute is een fijn thema. Zo af en toe komt dus China in beeld, zoals bij de Romeinse beschrijving van het Zijdeland en de Chinese beschrijving van de staat Dà Qín, maar ik heb nooit een echt blogje gewijd aan het Verre Oosten. Een poging dus, met een kritische paragraaf aan het einde.

Lees verder “Prehistorisch China”

Maës, de antieke Marco Polo (3)

Man en paard (Han-dynastie; Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis, Brussel)

In het eerste stukje vertelde ik hoe Maës was begonnen aan een lange reis. Vanuit het uiterste oosten van het Romeinse Rijk trok hij door het Parthische Rijk en bereikte de Stenen Toren, zoals we zagen in het tweede stukje. Maës kon, mocht of wilde niet verder gaan, maar anderen reisden door naar de hoofdstad van China. Van hen zal de schatting zijn gekomen dat het vanaf de Stenen Toren 36.200 stadiën was ofwel 6516 kilometer. Waar de Stenen Toren ook stond, welke hoofdstad ook kan zijn bedoeld, en langs welke route Maës’ karavaan ook verder is gereisd: dit is zó veel dat het niet kloppen kan.

In China

Hoe de reis verder ging, kunnen we alleen vermoeden. Eerst zal Kashgar zijn bereikt. Hier takte de Zijderoute aan bij de weg die vanaf de Indus over de Karakorum noordwaarts liep. We hadden het er al eens over. Dit was de westelijke punt van het Tarimbekken, waarbinnen de Taklamakanwoestijn ligt. Gortdroog en getroffen door de zandstormen die ook Ptolemaios noemt, is dit een van de meest desolate plekken op onze planeet. Je kunt alleen van de ene naar de andere oase reizen langs de randen van de zandwoestijn, dus óf noordom óf zuidom. De twee routes kwamen samen bij Dunhuang. In deze provincie begon ook de Grote Chinese Muur.

Lees verder “Maës, de antieke Marco Polo (3)”

Maës, de antieke Marco Polo (2)

Een priester en een kind (Dalvarzintepa; Uzbeekse Academie van Wetenschappen, Tasjkent)

In het eerste stukje vertelde ik dat Maës was begonnen aan een reis die hem naar de Stenen Toren zou brengen, ergens in Centraal-Azië. Het einddoel was de hoofdstad van China.

Het Parthische Rijk

Ptolemaios noemt in 1.12 diverse plaatsen die Maës heeft aangedaan. Na het oversteken van de Eufraat was hij in het Parthische Rijk. Het reisgezelschap trok eerst door Mesopotamië, waar het de steden Edessa en Nisibis moet hebben aangedaan. Vervolgens bezocht het de Aramees-sprekende bevolking van Assyrië. Dat Ptolemaios niet de later populaire naam “Adiabene” gebruikt voor Noord-Irak, suggereert een vroege datering van Maës’ reis.

Lees verder “Maës, de antieke Marco Polo (2)”

Maës, de antieke Marco Polo (1)

De Eufraat (klik=groot)

Zoals de trouwe lezers van deze blog hebben gemerkt, vind ik het interessant te zien welke contacten er zijn geweest tussen de Romeinse wereld en het Verre Oosten. Helaas valt daarover weinig te weten. Van één reiziger kennen we echter zowel de naam als de toenaam. Deze antieke Marco Polo heette Maës, en werd ook Τιτιανóς genoemd, wat een weergave lijkt van de Romeinse naam Titianus.

Wie was Maës?

We weten weinig over Maës. Al onze informatie is indirect en komt uit de Geografie van de tweede-eeuwse Alexandrijnse geograaf Ptolemaios. Hij citeert het verloren gegane werk van een eerdere auteur, Marinus van Tyrus. Die had op zijn beurt in 114 na Chr. een boek gepubliceerd waarin hij onder meer vertelde over Maës’ expeditie naar het land waar de zijde vandaan kwam. Ptolemaios identificeert Maës als “een zoon van een koopman en ook zelf koopman”. Verder was Maës een Macedoniër, ofwel iemand met Macedonisch burgerrecht in een door een hellenistische vorst gestichte stad. Als hij Romeins burgerrecht had, hechtte hij er vermoedelijk weinig waarde aan. Anders had hij zich wel Marcus Titius Maesus genoemd of zo.

Lees verder “Maës, de antieke Marco Polo (1)”

Een Romein over China

Ruiter uit middeleeuws China (Jin-dynastie; Volkenkundig museum, Leiden)

Ammianus Marcellinus was een Romeinse oud-officier die tegen het einde van de vierde eeuw na Chr. besloot een geschiedwerk te schrijven. En wat voor geschiedwerk! In de eerst-overgeleverde boeken vertelt hij over opkomst, regering en ondergang van keizer Julianus. Een spannend verhaal. Daarna vertelt hij over de tijd van de keizers Valentinianus en Valens. Al even boeiend. Je merkt dat Ammianus probeert zo objectief mogelijk te zijn. Des te jammerder dus dat de eerste helft van het geschiedwerk verloren is gegaan. Ik had graag gelezen wat hij over de crisis van de derde eeuw en de keizers Diocletianus en Constantijn te melden had.

Af en toe is Ammianus wat pedant. Als Julianus besluit op te trekken tegen het Perzische Rijk, moet hij natuurlijk uitleggen wat dat was. Dat zou elke antieke geschiedschrijver hebben gedaan. Maar Ammianus gaat helemaal uit zijn dak en geeft in hoofdstuk 23.6 een overzicht van heel Azië, waarin hij alle informatie propt waarover hij beschikt. Niemand kon hem verslijten voor onbelezen.

Lees verder “Een Romein over China”

Hoe bestuur je een wereldrijk? (1)

Grafmonument uit de Han-periode (Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis, Brussel)

Rond het begin van onze jaartelling bestonden er twee wereldrijken: het Romeinse Imperium en het Chinese Keizerrijk onder de Han-dynastie. Samen heersten zij over ongeveer de helft van de toenmalige wereldbevolking. Beide rijken hebben zich in dezelfde periode maar onafhankelijk van elkaar ontwikkeld. Is het de moeite waard om een vergelijking te maken tussen de Romeinen en de Han? De Oostenrijkse historicus Walter Scheidel, sinds 2004 hoogleraar in Stanford, meent van wel en laat dat zien in de bundel State Power in Ancient China and Rome. De bundel bevat acht artikelen die het Romeinse keizerrijk vergelijken met het China van de Han-dynastie.

Scheidel is een pleitbezorger van vergelijkende geschiedenis (comparative history). Eén van de voordelen van het vergelijken van staten en ontwikkelingen, zoals tussen Rome en de Han, is volgens hem dat het de historicus dwingt uit de specialistische “comfort zone” te treden en nieuwe vragen te stellen. Het dwingt tot het overstijgen van (historische) disciplines en het helpt bij het identificeren van causale relaties en factoren en hoe die in verschillende omgeving verschillend uitwerken. Vergelijken is overigens geen doel op zich, maar een middel voor het stellen van vragen en formuleren van verklaringen.

Lees verder “Hoe bestuur je een wereldrijk? (1)”