Het Parthenmonument uit Efese

De apotheose-scène in het Parthenmonument (Ephesos-Museum, Wenen)

Berggasse 19. De Stephansdom. Het gebouw van de Wiener Secession. The Third Man. Het Kunsthistorisch Museum. Het Hundertwasserhaus. Het Mathematisches Seminar der k. und k. Universität. Eigenlijk alles wat k. und k. is. De Venus van Willendorf. De Staatsopera. Er zijn vele redenen om naar Wenen te gaan en ik hoop er binnenkort iemands verjaardag te kunnen vieren.

En dan hoop ik ook het Ephesos-Museum te kunnen bezoeken, waar de vondsten zijn te zien van de Oostenrijks-Hongaarse archeologische campagnes die vanaf 1896 plaatsvonden in Efese, de hoofdstad van de Romeinse provincie Asia. Omdat de Ottomaanse archeoloog Osman Hamdi in 1907 de sultan overtuigde de export van oudheden te verbieden, zijn er geen recentere vondsten te zien, hoewel in Efese nog altijd Oostenrijks onderzoek plaatsvindt.

Lees verder “Het Parthenmonument uit Efese”

Efese

Een atleet uit Efese (Ephesos-Museum, Wenen)

Een van de meest overdonderende opgravingen die ik ken, is die van Efese, in het westen van het huidige Turkije. Volgens een legende die misschien een element van waarheid bevat, leidde ooit een Athener genaamd Androklos een groep Griekse kolonisten overzee naar de plek die dus Efese zou zijn. Ooit. Heel precies wist men het niet, maar het was gebeurd na de (legendarische) komst van de Doriërs en vóór Homeros de Ilias schreef. De Grieken plaatsten die gebeurtenissen, waarvan de historiciteit onduidelijk is, rond 1200 en rond 800 v.Chr. op de kalender. Als er een historische kern is in het verhaal over Androklos, bevindt die zich in de “Dark Ages”.

Efese is echter veel ouder. In teksten, gevonden in de Hittitische hoofdstad Hattusa, is sprake van Abasa. Die stad, de hoofdstad van het koninkrijk Mira, moet al rond 1600 v.Chr. hebben bestaan. Ze is teruggevonden op de Ayasoluk, de heuvel waarop tegenwoordig de kerk staat van de heilige Johannes.

Lees verder “Efese”

Faits divers (35)

Uit het geplunderde museum in Soedan.

Een nieuwe aflevering van de onregelmatig verschijnende reeks faits divers, met deze keer slecht en goed nieuws.

Roof

Eerst slecht nieuws: zoals bekend woedt in Soedan, het antieke Nubië, een burgeroorlog. Een paar dagen geleden heroverde het leger delen van Khartoum op de rebellen, en daarbij is het Nationaal Museum voor de tweede keer geplunderd. Het doet wat denken aan de plunderingen in de Egyptische stad Malawi en in het nationaal museum in Bagdad, waarvan bekend is dat kunsthandelaren in de stad aanwezig waren om zorg te dragen voor een snelle heling.

Lees verder “Faits divers (35)”

Cornelis de Bruijn (2) Rome

Handtekeningen van kunstenaars uit de Lage Landen in de Santa Costanza; de handtekening van Cornelis de Bruijn ontbreekt

Dit is het tweede van dertien stukjes over Cornelis de Bruijn. Het eerste was hier.

***

Op reis

Ik eindigde mijn vorige stukje met de opmerking dat Cornelis de Bruijn Holland had verlaten. Op 1 oktober 1674 was hij met zijn collega Pieter van der Hulst (1651-1727) Nederland afgereisd naar Italië. Omdat de Guerre de Hollande nog steeds voortduurde, konden ze niet de weg langs de Rijn nemen, maar moesten ze een omweg maken. Ze bezochten dus eerst Leipzig en Wenen, en waren op de feestdag van Sint-Nikolaas, 6 december dus, in Venetië.

Hoe financierde De Bruijn zijn reis? Dit is een onopgelost raadsel. Mogelijk heeft hij geld gespaard en had hij rijke vrienden, maar er zijn geen aanwijzingen dat zij de reis hebben betaald. Ook stond hij niet op de loonlijst van de Verenigde Oost-Indische Compagnie (VOC). We weten dat de kunstenaar tekeningen verkocht en bijverdiende met het schilderen van portretten, maar het is onduidelijk of dit voldoende was. Nog verrassender is dat hij bij terugkeer een fortuin bezat, dat hij zou investeren in de publicatie van zijn reisverslag, Reizen door de vermaardste Deelen van Klein Azië.

Lees verder “Cornelis de Bruijn (2) Rome”

XIII Gemina (2)

Grafsteen van een soldaat van XIII Germina (Nationaal Museum, Ljubljana)

Keizer Domitianus (r.81-96) plaatste XIII Gemina, waarover ik zojuist blogde, in 89 over naar de nieuw gestichte basis Vindobona, het huidige Wenen. De Daciërs waren in 86 het Romeinse Rijk binnengevallen en hadden de legioenen verslagen die het Beneden-Donau-gebied hadden moeten verdedigen. In 88 was een groot Romeins leger Dacië binnengevallen, waar generaal Tettius Julianus de Dacische koning Decebalus had verslagen. Het Dertiende was een van de negen betrokken legioenen geweest. Helaas had de opstand van de gouverneur van Germania Superior, Lucius Antonius Saturninus, het uiteindelijke succes verhinderd. De overplaatsing naar Wenen was een manier om niet alleen Dacië maar ook het Rijnland in de gaten te houden.

En de Boven-Donau. Want ook daar was de situatie gespannen. In 92-93 nam het Dertiende deel aan Domitianus’ oorlog tegen de Sueben en Sarmaten. Het is in deze context dat we de operatie moeten plaatsen van Velius Rufus, die met een groot leger trok door het gebied benoorden de Donau, van Roemenië naar Tsjechië.

Lees verder “XIII Gemina (2)”

De Donau

De bovenloop van de Donau bij Kelheim

Ik heb al geblogd over de Aoos, Elbe, Eufraat, Rijn en Tigris, dus laten we het nu eens hebben over de Donau. De Romeinen noemden de hele stroom Danubius, de Grieken gebruikten die naam alleen voor het westelijke deel. De benedenloop kenden ze als Ister. De mooie blauwe rivier ontspringt in het Zwarte Woud en mondt uit in de Zwarte Zee. Met een lengte van ongeveer 2860 kilometer is de rivier ongeveer even lang las de Eufraat. In Europa is alleen de Wolga langer. De antieke auteurs meenden dat, afgezien van de halflegendarische rivieren van India, alleen de Nijl groter was dan de Donau.

Onder de vele zijrivieren van de Donau – Plinius de Oudere kende er niet minder dan zestig – zijn de Iller, de Lech, de Altmühl, de Naab, de Regen, de Isar, de Ilz, de Inn, de Traun, de Enns, de Morava, de Leitha, de Rába, de Váh, de Drava, de Tisza, de Sava, de Olt, de Siret en de Prut. Dat is nogal wat, maar de rivier is dus lang en stroomt door Duitsland, Oostenrijk, Slowakije, Hongarije, Kroatië, Servië, Roemenië, Bulgarije en schampt zelfs even aan Moldavië en Oekraïne.

Lees verder “De Donau”

Geliefd boek: The Hare with Amber Eyes

Met Edmund de Waals The Hare with Amber Eyes. A hidden inheritance (2010) heb ik een speciale band. Het boek gaat over de adellijke, Joodse familie Ephrussi uit Wenen. De Ehrussis kwamen oorspronkelijk als graanhandelaren vanuit Odessa naar Wenen. Als in 1862 de Donau een grote overstroming veroorzaakt, leent de familie grote bedragen aan de staat om de kades te herstellen. Het was in het Habsburgse Rijk niet ongewoon om zo’n familie met een adellijke titel te belonen, ook bij Joodse families. De Ephrussis uit Odessa splitsten zich op in een Weense (bankiers) en een Parijse tak (graanhandelaren). Sinds ik het boek kocht heb ik het regelmatig geraadpleegd voor informatie over Joodse adel. Maar natuurlijk ook wegens de indrukwekkende geschiedenis.

De Waal beschrijft zijn speurtocht naar zijn familie aan de hand van een verzameling van 264 netsuke, waaronder een haas met ogen van barnsteen. Toen Japanse mannen nog een kimono droegen werd een netsuke aan de gordel geknoopt om daaraan ‘spullen’ op te hangen. Het zijn kunstzinnige en praktische voorwerpen. Vrouwen stopten kleine spullen in de mouwen van hun kimono.

Lees verder “Geliefd boek: The Hare with Amber Eyes”

Het Tiende Legioen Gemina

Hoofd van een legionair met op de helm X G(emina) (Römermuseum, Wenen)

Ik moet nog eens bloggen over de Romeinse officier Velius Rufus, die in het laatste derde van de eerste eeuw een gelauwerde carrière had die hem van de rang van centurio via drie continenten bracht tot in de hoogste bestuursklasse. Die loopbaan is uitzonderlijk omdat ze zo uitgebreid is gedocumenteerd. Van de overgrote meerderheid van de soldatenlevens is veel minder bekend.

Maar toch: ook al zijn hun grafstenen minder informatief, het zijn er wel heel erg veel. Elk jaar tekenden ruim 10.000 Romeinse burgers bij om te gaan dienen in een van de grensprovincies. Voor een garnizoensstad als Nijmegen, waar het Tiende Legioen Gemina was gelegerd, betekende dit dat er elk jaar ruim 350 rekruten van elders bij kwamen.

Lees verder “Het Tiende Legioen Gemina”

Generaal Miltiades

Griekse legerleider, misschien Miltiades (Kunsthistorisches Museum, Wenen)

Het bovenstaande beeld fotografeerde ik in het Kunsthistorisches Museum in Wenen, een van de mooiste musea die ik ken. Het dateert uit de Romeinse tijd maar stelt een generaal voor uit de tweede helft van de vierde eeuw`v.Chr. In “heroïsche naaktheid”, zoals kunsthistorici het noemen: niet dat deze generaal werkelijk ongekleed naar het front ging – alleen de helden in actiefilms worden onkwetsbaar door hun overhemd uit te trekken – maar de bronsgieter benadrukte graag ’s mans moed.

Helemaal naakt is hij overigens niet. Hij draagt een helm, maar heeft die op zijn achterhoofd geplaatst. In zijn linkerhand (voor ons rechts) heeft hij een schild, een speer of allebei vastgehouden, terwijl hij met zijn vrije hand de mannen gebaarde mee te gaan, ten strijde.

Lees verder “Generaal Miltiades”

Vakantiekiekjes

Zoals de lezer van deze kleine blog inmiddels weet, reis ik momenteel langs de Donau. Inmiddels ben ik, op een paar uur na, een week onderweg en staan we op het punt te vertrekken naar Hongarije en Servië. Vandaag was ik in Wenen, waar de vernieuwde oudheidkundige afdeling van het Kunsthistorisches Museum me compleet murw heeft geslagen.

Ik zou graag de foto’s online willen plaatsen, maar soms heb ik die niet kunnen maken (zoals op de mooie exposities in Stuttgart en Schallabach). En bovendien: het zijn er inmiddels al wel heel veel. Ik heb er echter wel wat op mijn Facebookpagina geplaatst. Het is niet ideaal, maar het is ook zo zonde om het niet te delen. Hier zijn dus wat foto’s uit

Lees verder “Vakantiekiekjes”