Middeleeuws Jeruzalem

Rotskoepel, Jeruzalem

[Dit is het laatste van drie blogjes over wat een toerist kan bekijken in Jeruzalem. Het eerste was hier.]

Middeleeuwen

Met de Middeleeuwen kom ik buiten mijn specialisme, maar ik wil toch nog wat dingen noemen. Uit deze tijd zijn immers ook allerlei bouwwerken en monumenten bekend die je als toerist niet wil missen.

Aan het kerkje van het graf van Maria, even buiten de stad, heb ik speciale herinneringen. We wandelden er met een groepje geen werkelijk overdreven religieuze mensen binnen, maar iedereen werd tegelijk stil en bleef luisteren naar de monnik die er aan het zingen was. Maria is hier vanzelfsprekend niet begraven geweest. Hier is echter wel het graf van koningin Melisende, een van de machtigste vrouwen uit het Koninkrijk Jeruzalem.

Lees verder “Middeleeuws Jeruzalem”

Het Byzantijnse Rijk (2): Bloei

Mozaïek uit de Hagia Sofia

[Tweede van drie blogs over het Byzantijnse Rijk. Het eerste was hier.]

De Byzantijnse geschiedenis begint op het moment dat de Romeinse keizers Constantinopel in gebruik namen als voornaamste keizerlijke residentie. Wie een datum zoekt, zou 11 mei 330 kunnen noemen, maar iedereen begrijpt dat het niet op een dag eerder of later steekt. De geschiedenis eindigt in elk geval op een heel precies moment: op 29 mei 1453. Toen veroverde de Ottomaanse sultan Mehmet II de stad. Ik blogde er al eens over. Historici verdelen het tussenliggende millennium in drie perioden.

Justinianus

De eerste daarvan, van 330 tot 867, is te typeren als ontstaan, crisis en voortbestaan. Tijdens de regering van Justinianus (r.527-565) deden de Byzantijnen een laatste poging de westelijke provincies van het voormalige Romeinse Rijk te heroveren. Dit plan slaagde grotendeels: generaal Belisarius heroverde de rijke provincies in Italië en Afrika, de steden in Libië verjongden (de Ananeosis) en Byzantijns goud kocht invloed in Frankisch Gallië en Visigotisch Spanje. De hervonden eenheid werd gevierd met de bouw van de kerk van de Heilige Wijsheid, de Hagia Sofia, in Constantinopel. De prijs voor de hereniging was echter hoog. Justinianus moest de Sassanidische Perzen afkopen en kreeg te maken met stevig verzet, bijvoorbeeld in Ostrogotisch Italië.

Lees verder “Het Byzantijnse Rijk (2): Bloei”

Een mier op de Zijderoute

Molensteen (Archeologisch Museum van Sétif)

Bij het werken aan een Arabische tekst van Ğibrīl ibn Nūḥ al-Anbārī (negende eeuw na Chr.) werd ik regelrecht de Oudheid ingezogen. Wat zeg ik: in twee Oudheden: de Grieks-Romeinse en de Chinese! Het betreffende fragment was een beschrijving van de loop der sterren en planeten:

Denk aan de sterren en het verschil in hun cirkelbaan. Een aantal verlaat zijn plaats aan het firmament niet en beweegt alleen als groep, maar een aantal verplaatst zich door de hele dierenriem en heeft eigen cirkelbanen. Dus elke ster van de laatste soort heeft twee verschillende banen: een algemene, samen met het hemelgewelf naar het Westen, en de andere van hemzelf naar het Oosten. De ouden hebben zo’n losse ster vergeleken met een mier die krabbelt op een molensteen. De molensteen maakt een cirkel naar rechts en de mier beweegt naar links, zodat de mier in die situatie twee verschillende bewegingen maakt: een zelfstandige, recht vooruit, en de andere onvrijwillig, samen met de molensteen, die hem naar achteren dwingt.noot فكِّر في النجوم واختلاف سيرها. ففرقة منها لا تريم مراكزها من الفلك ولا تسير الاّ مجتمعة، وفرقة مطلقة تتنقل في البروج وتفترق في مسيرها. فكل واحد منها يسير مسيرين مختلفين: أحدهما عام مع الفلك نحو المغرب والآخر خاص لنفسه نحو المشرق. وقد شبه الأولون هذه المطلقة بنملة تدب على رحى. فالرحى تدور ذات اليمين والنملة تدور ذات اليسار، فان النملة على تلك الحال تتحرّك حركتين مختلفتين: احداهما بنفسها متوجّهة أمامها والأخرى مستكرهة مع الرحى تجذبها الى خلفها.

Lees verder “Een mier op de Zijderoute”

Mozes van Chorene

Manuscript van de Geschiedenis van Armenië van Mozes van Chorene (Matenadaran, Yerevan)

Wie over het antieke Armenië wil schrijven, kan niet om Mozes van Chorene heen. In zijn Geschiedenis van Armenië beschrijft deze auteur het verleden van de oude natie vanaf legendarische tijden tot 439 na Chr. In dat jaar overleed Mozes’ (veronderstelde) leermeester Mesrop Mashtots, de monnik die het Armeense alfabet heeft geschapen.

De Geschiedenis van Armenië bestaat uit drie boeken. Het eerste bevat de vroegste geschiedenis, enkele Bijbelverhalen en vertellingen over de legendarische Hayk, de stichter van Armenië. Deze volksvertellingen zouden we zonder Mozes nooit hebben gekend. In het tweede boek lezen we over het ontstaan van Armenië als zelfstandig koninkrijk, over de hellenistische periode en over de opkomst van het christendom. Hierin is ook het verhaal opgenomen van de bekering van koning Trdat III en het optreden van Gregorius de Verlichter. Het derde boek bevat de geschiedenis van de verdeling van Armenië tussen het Romeinse en Sassanidische rijk en eindigt, zoals gezegd, met de dood van Mesrop Mashtots. In een epiloog lezen we over de droeve toestanden in het Armenië van Mozes’ eigen tijd.

Lees verder “Mozes van Chorene”

Chinese Skythen

Hazenjager, Tang-dynastie (Museum voor Volkenkunde, Leiden)

Dit beeldje fotografeerde ik onlangs in de afdeling China van het Museum voor Volkenkunde in Leiden. Het stelt een ruiter voor die terugkomt van de hazenjacht. Het is gemaakt ten tijde van de Tang-dynastie, dat wil zeggen in de zevende, achtste of negende eeuw. Dus terwijl in het westen de Franken de hegemonie in Europa verwierven, terwijl het Byzantijnse Rijk de Avaren en Arabieren op afstand hield en in het Nabije Oosten het kalifaat bloeide.

De Zijderoute

Tussen deze mogendheden waren allerlei contacten: kooplieden en andere reizigers trokken langs de Zijderoute en wisselden goederen en verhalen uit. Wandschilderingen uit Samarkand tonen een Chinese prinses die in 648 met de plaatselijke heerser Varkhuman lijkt te zijn getrouwd. (Ik blogde er al eens over.) Er waren militaire confrontaties, zoals de slag aan de Talas die de Arabieren en Chinezen in 751 uitvochten. Westerse huurlingen dienden in de legers van de Tang-keizer. Diens hoofdstad, Chang’an, moet even kosmopolitisch zijn geweest als Constantinopel en Bagdad.

Lees verder “Chinese Skythen”

Irak kort (14): Ibn Firnas

Ibn Fernas, Bagdad

Het reisbureau in Bagdad waar we onze tickets naar Istanbul en Amsterdam omboekten, was vernoemd naar Abbas ibn Firnas. Het standbeeld van de Arabische geleerde, die leefde in de negende eeuw, ziet u hierboven. Het staat langs de weg naar het vliegveld. Ibn Fernas moet een van de grootste uitvinders van zijn tijd zijn geweest. Niet alleen vond hij een methode om kleurloos glas te maken, hij sleep ook vergrootglazen en bedacht een manier om bergkristal te bewerken. Hij bouwde een waterklok en hield zich bezig met astronomie.

De eerste vliegenier

Hij is echter beroemd geworden als de eerste mens die het luchtruim zou hebben gekozen. De Arabische auteur Ahmad al-Maqqari schrijft:

In Firnas bekleedde zich met veren, maakte een vleugelpaar aan zijn lichaam vast en wierp zich vanaf een verhoging in de lucht. Volgens verscheidene betrouwbare bronnen, die ooggetuigen zijn geweest, vloog hij zelfs een aanzienlijke afstand, alsof hij een vogel was. Toen hij echter landde bij zijn vertrekpunt, bezeerde hij zijn rug, omdat hij onvoldoende had begrepen dat vogels op hun staart neerkomen en was vergeten zich daarmee uit te rusten.

Lees verder “Irak kort (14): Ibn Firnas”

De sji’ieten van Irak (2)

De Umayyadenmoskee in Damascus, door de eerste kaliefen gebouwd in een kerk.

[Dit is het tweede stuk over de geschiedenis van de sji’ieten. Het eerste is hier.]

In mijn vorige stukje vertelde ik het officiële verhaal over de scheiding van soennieten en sji’ieten. Er was onduidelijkheid over de aard van het leiderschap. Degene die het uitoefende, genoot Gods steun, zoveel is duidelijk, maar wie was de ware heerser der gelovigen? Was het de Umayyadenkalief in Damascus of was het de imam, het familiehoofd van Ali’s afstammelingen?

Zoals de soennieten zijn verdeeld over vier rechtsscholen, zo zijn de sji’ieten verdeeld over wie nu de belangrijkste imams zijn. Niet iedereen wijst dezelfde vijfde en zevende imam aan, terwijl de meeste sji’ieten wachten op een twaalfde imam, Mahdi genaamd, die ooit zal terugkeren en een rol speelt aan het einde der tijden. Shi’iten waren betrokken bij enkele opstanden tegen de Umayyaden. Grosso modo was de tendens echter: depolitisering.

Lees verder “De sji’ieten van Irak (2)”

Irak kort (5): Bahlul

Het Abbasidische paleis in Bagdad, dat overigens eeuwen na Harun ar-Rashid is gebouwd

Soefi’s zijn islamitische mystici. Ik blogde al eens over ze. Misschien is het grote verschil met de westerse mystiek wel dat deze laatste werkelijk naar binnen is gekeerd, zodat het écht gaat om de relatie tussen de gelovige en God, terwijl de soefi’s vaak de noodzaak voelen hun radicale liefde voor God te tonen, en daarbij dus een publiek nodig hebben. Er is een derde partij bij betrokken, wat in mijn ogen – die van een buitenstaander – de claim alléén van God te houden tegenspreekt.

Dat laat onverlet dat ik plezier beleef aan de verhalen over een Rabia, die door Bagdad rende met een kruik en een fakkel, om de hel te blussen en de hemel in brand te steken, zodat ze Gods wil kon doen zonder aan het hiernamaals te denken. De anekdote bevalt me vooral zo omdat ze illustreert dat er tussen humanisme en religie weinig verschil zit. Een gelovige die iets goeds doet om in de hemel te komen, is een boekhouder.

Lees verder “Irak kort (5): Bahlul”

Pseudo-Isidorus (2)

(Pseudo-Isidorus’ glossen bij het Concilie van Chalkedon in manuscript Parijs, Bibliothèque Nationale de France, Lat. 11611, folio 187recto. De afbeelding is matig, maar de nota-tekens staan ook daadwerkelijk in lichtere inkt op het perkament.

[Dit is het tweede deel van een gastbijdrage over de vervalsingen van Pseudo-Isidorus. Het eerste deel vindt u hier.]

Het onderzoek

Toen het hele scala aan vervalsingen, en met name de valse decretalen, in de negende eeuw in omloop kwam, fronsten sommige Frankische geestelijken wel hun wenkbrauwen. De echtheid van afzonderlijke decretalen zou ook later nog ter discussie staan. Het was echter de calvinistische geleerde David Blondel die begin zeventiende eeuw Pseudo-Isidorus definitief als vervalser ontmaskerde. Hij toonde aan dat de decretalen letterlijk citeerden uit veel latere teksten. In de negentiende eeuw verscheen de eerste wetenschappelijke editie van de decretalen.

Lees verder “Pseudo-Isidorus (2)”

Pseudo-Isidorus (1)

Lodewijk de Vrome (manuscript uit 826, Vaticaanse bibliotheek, Rome)

In het middeleeuwse christendom leidde de nadruk op autoriteit en traditie ertoe dat vernieuwing met enig wantrouwen bekeken werd. Geleerden pretendeerden vooral de traditie door te geven, die, behalve op de Bijbel, gegrondvest diende te zijn op de teksten van auctoritates, de gezaghebbende auteurs en teksten zoals de kerkvaders, patriarchen of de laatantieke concilies. Geconfronteerd met nieuwe omstandigheden of crisissituaties kon men in die autoriteiten uit het verleden niet altijd de juiste antwoorden vinden om deze het hoofd te bieden. Een paardenmiddel om de traditie naar de eigen hand te zetten was de vervalsing.

De vervalsingen

In het noorden van het Karolingische Rijk, ergens tussen 834 en 860, bracht een zekere Isidorus Mercator, een pseudoniem van een vervalser of een groep vervalsers, een aantal verzamelingen met vervalst kerkelijk recht in omloop om zijn standpunten kracht bij te zetten. Deze Pseudo-Isidorus is in de eerste plaats verantwoordelijk voor een verzameling deels bestaande en deels verzonnen decretalen (brieven) van pausen uit de eerste eeuw tot en met de achtste eeuw, die hij aanvulde met een serie bewerkte oude concilieteksten. Alle decretalen van vóór de vierde eeuw en sommige daarna zijn vervalsingen.

Lees verder “Pseudo-Isidorus (1)”