Het oudst-bekende verhaal van de wereld (1)

De rivieren Tigris (links) en Eufraat (rechts) komen samen

[Voor de vaste bezoekers van deze blog: vandaag zijn jullie even niet aan de beurt, maar is de blog voor kinderen die het verhaal van Gilgameš nog nooit hebben gehoord. Daar moet verandering in komen. Het staat u natuurlijk vrij een achtjarige voor te lezen.]

Toen je opa en oma werden geboren, had je nog geen tablets, geen computers en geen televisie. Je opa en oma hebben meegemaakt dat die werden uitgevonden. De opa en oma van je opa en oma hebben de eerste vliegtuigen zien vliegen. En de opa en oma van de opa en oma van je opa en oma hebben de eerste fietsen en treinen zien rijden. Alle dingen zijn een keer voor het eerst bedacht.

Dus heel, heel lang geleden was er eigenlijk nog niets uitgevonden. De oermensen woonden in grotten, want ze hadden nog geen huizen. Ze gingen op jacht, maar veel meer dan stokken en netten hadden ze niet. Maar ze waren wel slim en ontdekten de dingen één voor één. Ze leerden hoe ze wilde geiten en koeien moesten temmen. Ze bedachten dat je boer kon worden en een boerderijtje kon bouwen. Ze leerden potten bakken en weven. Ze ontdekten hoe je kaas en wijn kon maken en ze ontdekten het wiel en de ploeg. Ze gingen dingen ruilen met andere mensen: “Als ik van jou vier vissen krijg, krijg je van mij een stuk kaas.”

Lees verder “Het oudst-bekende verhaal van de wereld (1)” →

Sint-Joris, uitgewist

Sint-Joris (Mar Behnam-klooster)

Mar Behnam is een christelijke heilige uit Adiabene, een antiek koninkrijk in wat ooit Assyrië had geheten en tegenwoordig Koerdistan heet. In de vierde eeuw na Chr. is hij om het leven gebracht door de Sassanidische koning Shapur II, die u misschien kent als de tegenstander van de Romeinse keizer Julianus de Afvallige. In de twintigste eeuw werd Sint-Behnam vooral vereerd door moslims en door de christenen die worden getypeerd als monofysitisch, West-Syrisch, oosters-orthodox of miafysitisch: een hele catalogus van namen – ik schreef er al eens over – waarvan de Kopten en Armeniërs het bekendst zijn.

Het graf van de heilige Behnam is in een klooster, even ten noorden van Mosul aan de Tigris, dat wordt beheerd door de Syrisch-katholieke kerk, en dat zijn dan weer monofysitische christenen die het gezag van de paus respecteren. Deze wat complexe achtergrond maakte het klooster tot een natuurlijk doelwit van de zogenaamd Islamitische Staat: niet alleen werden hier relikwieën vereerd van een heilige terwijl een mens alleen God mag vereren, het waren ook nog christenen die eigenlijk pro-westers waren. Hét probleem van christenen in het Midden-Oosten is immers dat ook het gehate, imperialistische Europa christelijk is.

Lees verder “Sint-Joris, uitgewist” →

Een herontdekte zonnegod

Tablet van Šamaš uit Sippar (British Museum, Londen)

Het bovenstaande reliëf uit Sippar in het noorden van Babylonië is misschien wel een van de bekendste kunstvoorwerpen uit het oude Mesopotamië. Niet zonder reden. Het is gebaseerd op de gulden snede en treft ons dus als harmonieus.

Onder een baldakijn zit de zonnegod Šamaš (een naam die gewoon “zon” betekent) met in zijn hand een korte scepter en een ring. Beide zijn machtssymbolen; ik herinner me hoe de tweede lange tijd “ring of power” werd genoemd, tot die Tolkienfilms die uitdrukking voorzagen van onbedoelde bijbetekenissen, zodat wetenschappelijke jargontermen ineens populair werden (farshiang, kydaris). Deze Achaimenidische Ahuramazda en dat Sassanidische investituurreliëf zijn andere voorbeelden.

Lees verder “Een herontdekte zonnegod” →

Misverstand: Gaugamela

Het Astronomische Dagboek dat de slag bij Gaugamela vermeldt (British Museum, Londen)

Misverstand: Bij Gaugamela vond een belangrijke veldslag plaats

Sparta zou, nadat het Athene had verslagen, de machtigste staat van Griekenland moeten zijn, maar het was een omstreden hegemonie. In 395-386 verdedigde het zijn heerschappij tegen een coalitie van Argos, Korinthe, Thebe en Athene, dat van de Perzische koning een nieuwe vloot ter beschikking had gekregen. Meer oorlogen volgden. De Thebanen wisten de macht van de Spartanen te breken in de slag bij Leuktra, Athene verwierf en verloor een tweede bondgenootschap, en vanaf 354 tot 346 waren alle Griekse stadstaten met elkaar in oorlog.

De voornaamste resultaten van al dit bloedvergieten waren een snelle ontwikkeling van de krijgskunst, almaar grotere invloed voor Perzië en het verlies van Griekse controle over de gebieden in het noorden, waar de stammen van Macedonië zich verenigden. Vanaf 346 beheerste hun koning het noorden van Griekenland en het voornaamste Griekse heiligdom, Delfi.

Lees verder “Misverstand: Gaugamela” →

Layards grote project

Door Layard gemaakte reconstructie van Nineveh

Austen Henry Layard is een van de invloedrijkste oudheidkundigen uit de negentiende eeuw. Hij is de ontdekker van de hoofdsteden van Assyrië. En zoals het met de geleerden uit die tijd gaat: hij was een van de grondleggers van het vakgebied, samen met halfgoden als Friedrich August Wolf, Caspar Reuvens, Jean-François Champollion, Henry Rawlinson, Johann Gustav Droysen, Heinrich Schliemann, Osman Hamdi, Oscar Montelius, Theodor Mommsen en Ulrich von Wilamowitz. Maar waar dit negental allang is beschreven in fatsoenlijke biografieën, is Layard eigenlijk wat onbekend gebleven. Mogens Trolle Larsen presenteert in The Conquest of Assyria de ontdekker van Nineveh en Kalach als een soort Indiana Jones – en dat is een karikatuur.

Akkoord, Layard was een avonturier in de beste Victoriaanse traditie. En die traditie is er niet alleen een van stiff upper lip en wetenschappelijk optimisme, maar ook van genadeloos imperialisme. Het is in die sfeer dat we Layard óók moeten plaatsen.

Lees verder “Layards grote project” →

Klimaatverandering

Het Jerwan-aquaduct

Een van de bekendste puzzels uit de oude geschiedenis is de ondergang van het Assyrische Rijk. Rond 670 v.Chr. hadden koning Esarhaddon en zijn opvolger Aššurbanipal nog Egypte onderworpen, maar niet veel later vinden we de Assyriërs op de terugtocht. Het gebied langs de Nijl werd overgelaten aan een lokale dynastie, die de Assyriërs in elk geval niet voor de voeten liep. In het oosten werden de Meden gevaarlijk, in het zuiden werden de Babyloniërs steeds onrustiger. Maar wat nu echt zorgde voor de omslag, we weten het niet. Imperial overstretch is een mogelijkheid, maar net als bij de ondergang van het Hittitische Rijk zijn de archieven vele jaren voor het einde van het rijk ten einde gekomen en missen we documentatie om écht iets te zeggen.

Klimaatverandering

En nu is er deze publicatie over een dramatische klimaatverandering. Ik citeer de conclusie:

Our data suggest that climate change was an underlying causal factor, whose effects on the Assyrian imperial economy began centuries before the Empire’s collapse. Nearly two centuries of high precipitation and high agrarian outputs encouraged high-density urbanization and imperial expansion that was not sustainable when climate shifted to megadrought conditions during the seventh century BCE. Megadroughts as severe as modern droughts in the region but lasting for multiple decades likely crippled the Assyrian economy and precipitated its collapse.

Lees verder “Klimaatverandering” →

Nimrud: een lamassu in een bodybag

Nimrud

In september 2016 heroverden Iraakse troepen de ruïnes van de Assyrische hoofdstad Nimrud op de zogenaamd Islamitische Staat. Het goede nieuws van de bevrijding van de mensen in de omliggende dorpen, die ruim twee jaar onderdrukt waren geweest, had echter een keerzijde: in Nimrud bleken vandalen de al bijna 2900 jaar oude ziggurat te hebben verwoest. De antieke tichels en bakstenen waren met bulldozers naar de Tigris geschoven. Ik blogde er al eens over. Diezelfde bulldozers sloopten het koninklijke paleis van Assurnasirpal II (r.883-850 v.Chr.).

Lees verder “Nimrud: een lamassu in een bodybag” →

Het graf van Daniël (bis/ter)

Graf van Daniël, Kirkuk

Het regende pijpenstelen en ik zat gefrustreerd te staren naar een tekst die niet zo snel vorderde als ik wilde, toen ik een appje kreeg van Marjon Verburg, die momenteel op reis is in Irak. Ik ben dus gewoon stervensjaloers, want Irak is (met Algerije en Afghanistan) een van de landen waar ik nog altijd heen wil. Of beter, waar ik professioneel gewoon hoor te zijn geweest.

Meer in het bijzonder kwam het appje uit Kirkuk en bovenstaande foto toont u het graf van de profeet Daniël. Of beter, een van zijn graven. Ik blogde al eens over ’s mans graf in Susa en zijn graf in Samarkand. Er zijn nog meer graven, zoals in Tarsus in Turkije en in Sidi Denaine in Marokko. De vernietiging van een graf van Daniël in Mosul door de zogenaamd Islamitische Staat werd enkele jaren geleden in één adem gerapporteerd met de destructie van het graf van Jona.

Lees verder “Het graf van Daniël (bis/ter)” →

Parthische koningen

Kapiteel uit Masjid-e Solaiman
Parthisch kapiteel uit Masjid-e Solaiman

Zoals ik u al eens vertelde, ben ik bezig de Livius.org-website, ooit gemaakt in HTML, om te zetten naar een moderne vorm, naar een content management-systeem. Dat wil in feite zeggen dat de opmaak en de inhoud worden gescheiden. Het is een enorm tijdrovend karwei, maar het einde begint nu in zicht te komen. De Mesopotamische kronieken zijn nu “over” en ik ben nu bezig met het natrekken van dode links. Dat zijn er ruim 10.000 en ook die moeten met de hand worden gedaan. De oude, grote website was vooral heel groot en heel oud.

De inhoud van de pagina’s wijzigen kan pas als het geheel is omgezet, maar ik kan al pagina’s toevoegen, wat ik dan ook regelmatig doe omdat het nalopen van links een geestdodend karweitje is. Omdat ik de afgelopen tijd wat heb lopen kwakkelen met mijn gezondheid, heb ik nu pagina’s toegevoegd over alle Parthische koningen: hier. Voor u ze allemaal wil bekijken: de meerderheid bestaat nog uit “stubs”: korte samenvattingen van wat bekend is. Ik wil ze nog eens uitbreiden. Maar eerst moeten die 10.000 links gecorrigeerd en allerlei oude correctie doorgevoerd.

Lees verder “Parthische koningen” →

De Mesopotamische kronieken

De Naboniduskroniek (British Museum, Londen)
De Naboniduskroniek (British Museum, Londen)

Ik heb gisteren beschreven hoe de Astronomische Dagboeken aan de ene kant sterrenkundige waarnemingen bevatten en aan de andere kant beschrijvingen van de gebeurtenissen die door die hemelse tekenen zouden zijn voorspeld. De auteurs herkenden patronen, schreven die op in een Voortekencatalogus en gebruikten die om de toekomst te voorspellen.

De Astronomische Dagboeken, die bij mijn weten allemaal liggen in het British Museum, zijn gepubliceerd tussen 1988 en 1996, al worden nog altijd nieuwe interpretaties voorgesteld. De publicatie van de Voortekencatalogus begon in 1989 en is, voor zover ik weet, afgerond in 2012. Samen met nog andere teksten hebben ze bijgedragen aan een enorme verbetering van onze kennis van het oude Nabije Oosten, en dan bedoel ik niet alleen dat we nu dingen weten over gebeurtenissen waar we vroeger geen weet van hadden, maar ook dat ons begrip van de antieke topografie is gegroeid. We kunnen andere bronnen nu beter beoordelen – de reputatie van Herodotos als bron voor Babylonië is er niet beter op geworden – en we weten nu welke factoren bijdroegen aan de vorming van de voedselprijzen. Ook meteorologen zijn geïnteresseerd, want de data waarop kanalen werd geopend, bieden een indicatie voor het antieke klimaat – en dus voor klimaatverandering.

Lees verder “De Mesopotamische kronieken” →