Een hond uit Lesbos

Hond op een wijnvat (Römisches Museum, Augsburg)

Het project Inscriptiones Graecae, een uitgave van alle bekende Griekse inscripties, werd gestart in 1825 en loopt nog steeds. Er zijn nu negenenveertig geografisch geordende delen klaar, maar het eind is nog niet in zicht. Logisch: er duiken nog altijd nieuwe inscripties op. De meeste delen van IG bestaan weer uit meerdere boeken, en de inscripties zijn allemaal genummerd. Een volledige verwijzing naar een inscriptie ziet er dus bijvoorbeeld zo uit: IG XII,2 458. In IG XII staan alle bekende inscripties van de eilanden in de Egeïsche Zee, behalve die van Delos. (Er zijn zoveel Delische inscripties dat daarvoor heel deel XI is gereserveerd.) En ‘onder-deel’ IG XII,2 beperkt zich dan weer tot de inscripties uit Lesbos en Tenedos (dat laatste eiland is het huidige Turkse Bozcaada).

Toevallig is IG XII,2 458 de inscriptie waarover ik het hier wil hebben. Hij is gevonden in Mytilene (het huidige Mitilíni), de hoofdstad van Lesbos. Maar wie hem inderdaad daar (of waar dan ook) aantreft, verdient een eervolle vermelding in de IG. Want IG XII,2 458 is al meer dan een half millennium spoorloos. Voor het laatst gezien omstreeks 1450 door Cyriacus van Ancona.

Lees verder “Een hond uit Lesbos”

De Nikè van Samothrakè

Nikè van Samothrakè (Louvre, Parijs)

Ik heb het weleens uit een vliegtuig gezien, meermalen zelfs, maar ben nog nooit op Samothrakè geweest, het eilandje, een fractie groter dan Texel, in het noorden van de Egeïsche Zee tegenover Thracië, die hier dan ook Thracische Zee wordt genoemd. Wat ik ervan weet is (a) er was een cultus voor de Kabeiren; (b) de Alexandrijnse geleerde Aristarchos kwam er vandaan; (c) bovenstaand standbeeld is er gevonden.

Dat gebeurde in 1863 tijdens opgravingen in het heiligdom van de Kabeiren. Dat dateerde uit de archaïsche periode en is door koning Ptolemaios II Filadelfos en koningin Arsinoë II in de hellenistische tijd herbouwd. Achter het heiligdom was een theater, met achteraan een platform waarop een beeld stond van de overwinningsgodin Nikè. Ze keek uit over het heilige terrein en de Egeïsche Zee. Tegenwoordig staat ze in Parijs, bovenaan een trappenhuis in het Louvre. Je kijkt altijd omhoog naar de majestueus neerdalende godin. Ik ken geen standbeeld ter wereld dat effectiever is opgesteld.

Lees verder “De Nikè van Samothrakè”

Het Byzantijnse Rijk (1): Ontstaan

Het wapen van het Byzantijnse Rijk: de adelaar (Gouden Poort, Istanbul)

Ik heb nog nooit systematisch geblogd over het Byzantijnse Rijk. O zeker, het machtigste keizerrijk uit de Middeleeuwen is op deze plaats zo nu en dan aan de orde geweest. Er is zelfs een reeks krabbels geweest. Maar een systematisch overzicht ontbreekt en daar moet rap verandering in komen. Vind ik dan.

Byzantion

Om te beginnen: Byzantion was een kleine maar belangrijke stad aan de Bosporus, de zeestraat die de Egeïsche Zee via de Zee van Marmara verbindt met de Zwarte Zee en die Europa scheidt van Azië. Een kleine anderhalve eeuw, van 479 tot 334 v.Chr., markeerde de stad de grens tussen de Griekse en de Perzische wereld. Later was het de verbinding tussen Macedonië en het Seleukidische Rijk. In de Romeinse wereld, waarin het belang van de handel geleidelijk toenam, nam ook het belang van Byzantion toe.

Lees verder “Het Byzantijnse Rijk (1): Ontstaan”

De Antigoniden

Demetrios de Stedendwinger (Louvre, Parijs)

Alexander de Grote, zo lezen we aan het begin van 1 Makkabeeën, voerde vele oorlogen, veroverde vestingen, liet overal op aarde koningen doden en trok op tot aan de uiteinden van de aarde. Toen de Macedonische veroveraar de hele wereld in zijn macht had, werd hij ziek en omdat hij wist dat hij zou sterven, riep hij zijn hoogste bevelhebbers bij zich en verdeelde zijn koninkrijk onder hen. Na zijn dood namen die bevelhebbers het bestuur over, ieder in hun eigen gebied, waarna zij zichzelf tot koning kroonden. Hun bewind en dat van hun nakomelingen bracht nog lange tijd veel onheil op aarde.

Tot zover 1 Makkabeeën. Het is mooi geschreven maar daarom nog niet waar. Dat er nog lange tijd veel onheil op aarde was, kwam doordat Alexander in 323 v.Chr. stierf zonder zijn opvolging te hebben geregeld. Zijn broer was zwakbegaafd en zijn zoontje was een enfant du miracle, geboren na de dood van zijn vader. Aanvankelijk waren er regenten die de koninklijke familie dienden, maar hun gezag was van korte duur. Er waren oorlogen, er waren wapenstilstanden en in de tussentijd werden de leden van de dynastie vermoord.

Lees verder “De Antigoniden”

De Perzische Oorlogen

De zeestraat van Salamis, plaats van een zeeslag in de Perzische Oorlogen

Historici plaatsen de cesuur tussen de Archaïsche Periode en de Klassieke Tijd in de tijd van de Perzische Oorlogen. Daarmee bedoelen ze de twee Perzische expedities naar Griekenland van 490 en 480-479, hoewel de gevechtshandelingen zich uitstrekten over een langere periode. De betekenis ervan is niets minder dan de geboorte van de Griekse natie. Wie Griekenland Xerxes’ erfenis zou noemen, zit er niet zo heel ver naast.

Immers, lange tijd waren de diverse stadstaten en stammen verdeeld geweest. Als er al samenwerking had bestaan, was het omdat sommige steden zich rekenden tot de stam der Doriërs, Ioniërs of Aioliërs (wat zo’n stam ook geweest moge zijn), of dat men elkaar kende uit zogeheten amfiktyoniën. Dat waren losse netwerken om heiligdommen als Delfi te besturen. Men vereerde ook dezelfde goden, sprak dezelfde taal en las Homeros, en dat was zo’n beetje alles wat de Grieken verbond. Na de Perzische Oorlogen was daar de gedeelde herinnering aan de strijd tegen de grote koning bij gekomen.

Lees verder “De Perzische Oorlogen”

Het einde van Athene (4)

Marcherende hoplieten (Louvre, Parijs)

[Het laatste deel van een reeks over de Dekeleïsche of Ionische Oorlog, ofwel de ondergang van Athene. Het eerste deel is hier.]

Alleen de Athener Konon was aan het bloedbad bij de Geitenrivieren ontkomen. En met hem de bemanning van negen schepen. De Spartanen bemachtigden of vernietigden de rest van de Atheense vloor. Ze stelden de krijgsgevangen genomen Filokles terecht. Van de andere gevangen Atheners hakten ze de rechterduim af, zodat ze nooit meer een zwaard of roeiriem zouden hanteren. Alkibiades sloeg weer eens op de vlucht en zou korte tijd later zijn einde vinden.

Athene had de oorlog met Sparta, die de laatste jaren succesvol was verlopen, verloren in één avond. Zonder vloot was het immers onmogelijk de stad te bevoorraden met het graan dat Athene importeerde van de Egeïsche eilanden en het gebied rond de Zwarte Zee. De Atheners wisten dat ze gedoemd waren, zoals Xenofon aangeeft:

Lees verder “Het einde van Athene (4)”

De Zeevolken: meer problemen

Ramses III maakt korte metten met wat Zeevolken, herkenbaar aan hun hoofddeksels.

In de vorige vier stukken (één, twee, drie, vier) over de Zeevolken heb ik uitgelegd dat het bewijsmateriaal een consistent verhaal mogelijk maakt: een klimaatcrisis rond 1200 v.Chr. bracht een migratiegolf op gang van het Egeïsche-Zee-gebied richting Egypte en de Levant. Ik was begonnen uit te leggen dat het bewijsmateriaal echter zo eenduidig niet is. Het is lastig te dateren.

Het aardewerkprobleem

Een andere manier om migratie vast te stellen is kijken naar de verspreiding van deze of gene archeologische cultuur. Als we de voorwerpen die vóór 1200 v.Chr. gangbaar waren op Sardinië na een tijdje ook aantreffen in het Midden-Oosten, en als het daarbij niet alleen gaat om handelsaardewerk maar ook om keukenaardewerk, dan hebben we een aanwijzing voor migratie. Maar aardewerk is in deze periode niet alleen moeilijk te dateren, het is ook lastig te kwalificeren.

Lees verder “De Zeevolken: meer problemen”

De Zeevolken

Het democratische metaal ijzer: klappersteen uit Drenthe (Hunebedcentrum, Borger)

In de reeks over het handboek van De Blois en Van der Spek, Een kennismaking met de oude wereld, wil ik het vandaag eens hebben over de Zeevolken. Maar eerst iets over wat een handboek eigenlijk is: het bevat de basiskennis die een student beheersen moet voordat hij of zij zich kan verdiepen in de eigenlijke discussies. De stof wordt in het handboekcollege een beetje geproblematiseerd, en wordt daarna werkelijk bekeken door middel van literatuurlijsten en vooral werkcolleges. Zo was het althans in mijn tijd; of het nog steeds zo is, weet ik niet. In elk geval: de Zeevolken zijn typisch een thema waarover een student in een handboek leest, dat een docent bij het handboekcollege problematiseert en dat zich leent voor een werkcollege om te tonen hoe complex het is.

De Blois en Van der Spek wijzen op een reeks verschijnselen op de overgang van de Bronstijd naar de IJzertijd. Er was een “concert van mogendheden”: Egypte, Assyrië, Babylonië en de Hittieten. Het laatste rijk viel rond 1200 v.Chr. uiteen en daaruit kwamen de Neo-Hittitische staten voort. Rond het Egeïsche-Zee-gebied kwam een einde aan de Mykeense paleisburchten. Steden als Ugarit werden verwoest en verlaten.

Lees verder “De Zeevolken”

Het Tempe-ravijn

Het ravijn Tempe

De Tempevallei is de diepe kloof tussen de bergen Olympos en Ossa, waar de snelle rivier Peneios zich een weg van Thessalië naar de Egeïsche Zee baant. Wat zo vaak een vallei wordt genoemd, is in feite maar 25 tot 50 meter breed, bijna 500 meter diep en tien kilometer lang. Het is een ravijn.

Er zijn prachtige kliffen en de vegetatie is lieflijk, zodat het niet verwonderlijk is dat het landschap altijd door dichters is geprezen: zo was er van Dion Chrysostomos een Ekfrasis (beschrijving). De tekst is helaas verloren gegaan.

De Grieken vertelden dat de god Apollo hier eens had geprobeerd de nimf Dafne aan te randen, maar dat ze was veranderd in een laurierboom. Apollo zou een loot vanuit de canyon hebben overgeplant naar de Kastalische Bron bij Delfi.

Lees verder “Het Tempe-ravijn”

Het goud van Macedonië

Gouden krans uit Stavroupolis (Archeologisch Museum van Thessaloniki)

Al aan het begin van zijn regering toonde de Macedonische koning Filippos II dat hij even slim als onvoorspelbaar was. In 359 v.Chr. veroverde hij de stad Amfipolis, die behoorde tot de Atheense invloedssfeer. De Atheners wilden de stad graag terug, waarop Filippos zei dat hij dan de havenstad Pydna in ruil wilde hebben. De Atheners stemden in en stonden hem Pydna af. Daarmee hadden ze een basis in de noordelijke wateren minder en was het moeilijker om de oorlog met Macedonië te hernemen. Filippos had daarna geen reden meer om Amfipolis nog af te staan.

Het aardige van die stad was dat er grote wouden waren, waar het Atheense scheepstimmerhout vandaan kwam, en goudmijnen. Door het verlies was Athene serieus afgezwakt. De ooit machtige stad, die al te maken had gehad met een door de Perzen gesteunde opstand onder de bondgenoten, was nu definitief een mogendheid van het tweede plan. En voor Macedonië begon een mooie toekomst. We zien die aan het goud in de graven.

Lees verder “Het goud van Macedonië”