Pontius Pilatus (5) Pensioen

De berg Gerizim

[Dit is het vijfde van zes blogjes over Pontius Pilatus. Het eerste was hier.]

De samaritaanse geloofsgemeenschap vond haar oorsprong in een conflict dat speelde in het Jeruzalem van de vierde eeuw v.Chr. Eén groep priesters heeft toen de stad verlaten en is opnieuw begonnen in de stad Samaria, bij het huidige Nablus, waar al eerder een belangrijke tempel had gestaan. De samaritanen geloofden dat er ooit een profeet “zoals Mozes” zou zijn, een messiaans figuur die zijn volgelingen zou leiden naar een beter bestaan.

De samaritaanse profeet

In 36 na Chr. beweerde iemand dat hij die “profeet als Mozes” was. Hij beloofde dat hij enkele heilige voorwerpen, begraven op de berg Gerizim, zou tonen, die zouden bewijzen dat hij inderdaad was wie hij zei te zijn. Zijn aanhangers kwamen bewapend naar de berg en Pontius Pilatus greep onmiddellijk in met zo’n duizend soldaten. Hij verspreidde de menigte en beperkte zich ertoe de leiders te executeren. Niettemin beschouwden de samaritanen zijn geweld als buitensporig. Daarom deden ze een beroep op de Syrische gouverneur, Lucius Vitellius, de vader van de latere keizer. Onze enige bron, de Joodse geschiedschrijver Flavius Josephus, vertelt wat er daarna gebeurde:

Lees verder “Pontius Pilatus (5) Pensioen”

V Macedonica aan de Donau

Inscriptie van V Macedonica uit Oescus (Archeologisch museum, Sofia)

Van de meeste Romeinse legioenen kennen we de ontstaansgeschiedenis. Soms weten we welke keizer het heeft gesticht, soms kunnen we de geschiedenis herleiden tot de tijd van Julius Caesar en zijn opvolgers Marcus Antonius en Augustus. Van V Macedonica is de herkomst minder duidelijk. We kennen uit de vroegste tijd twee vijfde legioenen, V Urbana en V Gallica, die allebei identiek kunnen zijn aan het vijfde legioen dat later naar zijn standplaats Macedonië zou worden vernoemd. Misschien is het geformeerd door consul Gaius Vibius Pansa en diende het voor het eerst in 43 v.Chr., maar dat is slechts een hypothese.

V Macedonica was waarschijnlijk aanwezig bij de campagne rond Aktion (31 v.Chr.), waarna veteranen werden gevestigd in de Veneto. Een latere generatie veteranen is vijftien jaar later gedemobiliseerd in Fenicië in Beiroet. Hier kregen ook veteranen van VIII Augusta land toegewezen. In elk geval diende het legioen zelf in Macedonië.

Lees verder “V Macedonica aan de Donau”

De samaritaanse vrouw

Een ontmoeting van een vrouw en een man bij een bron (Istanbul, Archeologische Musea)

Aan het begin van het evangelie van Johannes vinden we het verhaal van Jezus’ ontmoeting met de samaritaanse vrouw. Eerst maar even een misverstand wegruimen: de bewoners van de stad Samaria heten Samarianen en de leden van de samaritaanse geloofsgemeenschap zijn samaritanen. Die groepen vielen en vallen niet samen en Johannes’ samaritaanse vrouw woont dan ook niet in Samaria maar in het verder niet bekende Sychar.

Het is logisch dat we Sychar niet kennen, want het moet een vlek op de landkaart zijn geweest, waar een vrouw water haalde bij de dorpsput. Daarom is het een verrassing dat Johannes het een polis noemt, wat oorspronkelijk de aanduiding was van een zelfstandige en autonome nederzetting, en in de Romeinse tijd meestal verwijst naar een gemeente met eigen bestuur. Dankzij auteurs als Flavius Josephus kennen we de topografie van de regio vrij goed – maar niet Sychar. Overigens hoefde een polis geen stadsmuur, geen raadsgebouw, geen theater, geen aquaduct, geen gymnasium en zelfs geen markt te hebben om toch een zelfstandige gemeente te zijn,noot Pausanias, Gids voor Griekenland 10.4.1. dus wie weet bestond er een polis Sychar die te klein was voor Josephus’ opmerkzaamheid. In elk geval: het was een onbeduidende plek.

Lees verder “De samaritaanse vrouw”

Simon de Magiër

Simon de Magiër en Petrus (Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis, Brussel). Ik illustreer de Oudheid liever niet met niet-antieke plaatjes, maar deze vind ik te mooi om niet te gebruiken.

Een nieuwe zondag, een nieuw blogje over het Nieuwe Testament. We gaan het hebben over een zekere Simon, van wie de auteur van de Handelingen 8.9-25 van de Apostelen weet dat hij bedreven was in magie en grote populariteit had verworven in de stad Samaria (het huidige Nablus).

Hoezo magie?

Wat daarmee is bedoeld, is minder duidelijk dan het lijkt. De tekst bevat eenmaal het werkwoord μαγεύω, dat zoiets betekent als “geschoold zijn in de magische vaardigheden” en eenmaal het zelfstandig naamwoord μαγεία, “de kunst van de magiërs”.

Er liggen hier twee probleem. Het eerste is dat magiërs oorspronkelijk Perzische religieuze specialisten waren. In die betekenis, de oudste en gebruikelijkste, komt het woord voor in het evangelie van Matteüs, als hij de wijzen uit het oosten zo aanduidt.noot Matteüs 2.1. Een Griek die de tekst las, zou in eerste instantie denken dat Simon een oosterling was met innovatieve godsdienstige opvattingen. Er is ook weinig dat daar tegen pleit.

Lees verder “Simon de Magiër”

Herodes de Grote

De decoratie van het paleis van Herodes in Masada

Het Nieuwe Testament gaat over vissers, tollenaars, huismoeders en timmerlieden: het kopergeld van Romes gouden eeuw, om Arie van Deursen te parafraseren. De groten der aarde blijven echter niet onvermeld: keizer Augustus, keizer Tiberius en een handvol plaatselijke vorsten maken hun opwachting. Uit die laatste categorie is koning Herodes er een. Of beter: Herodes is er vijf, want we hebben Herodes de Grote, Herodes Archelaos, Herodes Antipas en twee keer Herodes Agrippa. En dan is er nog een Herodes die geen Herodes heette maar Filippos. Dus dat maakt zes. Daar wil ik het de komende tijd eens over hebben.

Antipatros

En we beginnen bij de grondlegger van de dynastie: Antipatros. U bent hem, als u een trouwe lezer bent, eerder tegengekomen: hij was commandant van het leger dat Julius Caesar in 47 v.Chr. te hulp schoot tijdens de Alexandrijnse Oorlog. Als dank benoemde Caesar hem tot epitropos – een woord dat we zouden kunnen vertalen als toezichter – voor de zwakke heerser Hyrkanos II.

Lees verder “Herodes de Grote”

Samaritanen in Frankfurt

Het heilig boek van de samaritanen: de Samaritaanse Pentateuch. Dit exemplaar is in 1616 door Pietro della Valle in Damascus verworven en naar Europa meegenomen. Het was het eerste daar bekende exemplaar. (Bibliothèque nationale, Parijs)

In Frankfurt zijn momenteel vier interessante exposities:

Ik meende dat die laatste zou lijken op die in het Koninklijk Museum van Mariemont te Morlanwelz, waarover ik al eens blogde, maar er was voldoende nieuws te zien. Desondanks laat ik dit thema verder rusten. Liever schrijf ik over de samaritanen, waarover ik immers nog nooit heb geblogd.

Samaritanen

Het Bibelhaus bleek niet heel anders dan het Bijbels Museum dat tot voor kort in Amsterdam was gevestigd. Verwacht er geen topstukken. Wel wat replica’s en originelen uit de b-categorie, goede uitleg, een maquette van de Tempel in Jeruzalem, een handvol manuscripten. De Samaritanen-expositie was prima: uitleg van wat de samaritaanse geloofsgemeenschap van zichzelf zegt, gecombineerd met de visies van joden en christenen. De nadruk ligt dus, zoals in een museum als dit te verwachten is, sterk op de tijd waarin de Bijbel is ontstaan. Het heden komt in een klein zaaltje ook aan bod. Daar verneem je ook over islamitische visies.

Lees verder “Samaritanen in Frankfurt”

M14 | Hyrkanos I

De militaire expansie van het Hasmonese tempelstaatje

[Veertiende aflevering van een zestiendelige reeks rond Chanoeka, waarvan de laatste dagen dit jaar samenvallen met Kerstmis. Het eerste deel was hier.]

Koning Antiochos VII Sidetes had geprobeerd de Seleukidische macht te herstellen. De Joden had hij tot de orde geroepen, Mesopotamië had hij op de Parthen heroverd, maar hij was verslagen in Iran (129 v.Chr.). In krijgsgevangenschap pleegde hij zelfmoord. Nu waren de oostelijke gebieden voorgoed voor de Seleukiden verloren. Het leger was gedemoraliseerd en Syrië lag klaar om door de Parthen te worden gebrandschat.

Hasmonese machtsontplooiing

De Hasmonese hogepriester Hyrkanos I zag zijn kans schoon en plunderde enkele steden, “aannemend dat ze geen soldaten of andere verdedigers hadden,” zoals Josephus het formuleert, “wat inderdaad zo bleek te zijn”. Omdat het Seleukidische Rijk vervolgens weer eens verstrikt raakte in een burgeroorlog, die naadloos overging in de volgende en de daarop volgende, kon Hyrkanos nieuwe gebieden veroveren. Hij nam Madaba in, voegde Idumea toe en veroverde Sichem in het noorden. Omstreeks 108 bemachtigde hij ook Samaria. De Seleukiden deden twee pogingen deze belangrijke stad te ontzetten, maar de Hasmoneeën waren inmiddels te sterk.

Lees verder “M14 | Hyrkanos I”

Barmhartige en andere samaritanen (2)

Samaritanen op de berg Gerizim (© Wikimedia Commons | gebruiker Fade to Black)

Ik schreef gisteren over de oorsprong van de samaritanen en vatte samen dat de cultus van JHWH altijd wijdverbreid is geweest en diverse cultusplaatsen heeft gehad. In de zevende eeuw v.Chr. begon Jeruzalem echter te claimen de enige échte tempel te hebben van de enige werkelijk vererenswaardige godheid. Dit werd gecodificeerd in de Wet van Mozes en dan met name het Bijbelboek Deuteronomium, dat samen met het Deuteronomistisch Geschiedwerk het begin vormt van wat we het jodendom kunnen noemen. Niet iedereen, zo schreef ik, ging mee met deze vernieuwing. Ik bracht Elefantine in herinnering en vertelde dat ook elders oude tradities bleven bestaan, die ertoe leidden dat, toen de noordelijke JHWH-vereerders de Wet aanvaardden, ze daarin enkele wijzigingen aanbrachten.

Tempelbouw

Als jaartal noemde ik “na 500 v.Chr.”. Dat was omdat ik even geen zin had in een discussie over het ontstaan van de Wet van Mozes,. Dat is een mijnenveld. Toch kunnen we iets preciezer zijn. Vlak voor 330 v.Chr. was er verdeeldheid onder de priesters van Jeruzalem en verschillende families verlieten de stad. Volgens Flavius Josephus vestigden zich in Samaria, een belangrijk bestuurscentrum in het toenmalige Perzische Rijk. Daar kregen ze in 332 v.Chr. van de Macedonische veroveraar Alexander de Grote toestemming om een ​​eigen tempel te bouwen op de berg Gerizim, vlakbij Sichem, een paar kilometer ten oosten van Samaria. Archeologisch is de vastgesteld dat Sichem rond dit moment werd herbouwd.

Lees verder “Barmhartige en andere samaritanen (2)”

Barmhartige en andere samaritanen (1)

Altaar uit Sichem (Rijksmuseum van Oudheden, Leiden)

U kent de samaritanen – met een kleine letter graag – van de gelijkenis over de barmhartige samaritaan. U weet wel: de evangelist Lukas vertelt over een reiziger die op weg van Jericho naar Jeruzalem in de handen van rovers valt. Uitgeschud ligt hij langs de weg. Een leviet en een priester laten hem voor dood liggen maar een passerende samaritaan neemt zijn verantwoordelijkheid wel. Het is een wondermooi verhaal over beschaving: dat je iemand die niet tot je eigen groep behoort, erkent als medemens. Misschien komt het door deze elegantie dat je niet herkent hoe absurd het eigenlijk is. Geen rover kan de weg van Jericho naar Jeruzalem onveilig hebben gemaakt. Het was een van de drukste en best bewaakte straten in Judea.

Joden en samaritanen

Maar daarover wilde ik het niet hebben. Het gaat om de vraag wat de samaritaanse geloofsgemeenschap nu eigenlijk is. Samaritanen lijken op joden, maar er zijn enkele verschillen, waarvan sommige heel oud.

  • Eén: samaritanen denken dat de tempel niet in Jeruzalem zou moeten staan, maar op de berg Gerizim nabij Sichem (het huidig Nablus);
  • Twee: samaritanen geloven dat hun lijn van priesters de legitieme is, in tegenstelling tot de lijn van priesters in Jeruzalem;
  • Drie: samaritanen aanvaarden alleen de wet van Mozes (Genesis, Exodus, Leviticus, Numeri, Deuteronomium) als gezaghebbend. Van deze boeken hebben ze ook een iets andere tekst.
  • Vier: samaritanen erkennen dus de profeten en de geschriften niet als gezaghebbend.

Lees verder “Barmhartige en andere samaritanen (1)”