De Almohaden

Almohadische ruiters

In mijn vorige blogje noemde ik de Almoraviden, een Noordwest-Afrikaanse groep die een gnostische interpretatie gaf aan de islam. Toen ze El-Andalus had onderworpen, legde ze de regio strenge religieuze regels op. Er was in deze tijd echter ook een stroming waarvan de aanhangers meenden de eenheid van God beter begrepen dan wie ook. Eén van de leiders van deze stroming, die onder de Baranis-Berbers populair was, was Ibn Tumart (1082-1130); zijn volgelingen staan bekend als Al-Muwahhidun (“de benadrukkers van de eenheid”), wat in de Europese talen is verbasterd tot Almohaden.

Vanaf 1121 meende Ibn Tumart dat hij de mahdi was, in de sjiitische traditie de imam die kort voor de Jongste Dag zal terugkeren. Omdat het einde der tijden zo nabij was, waren Ibn Tumarts volgelingen bereid te vechten, en ze begonnen een heilige oorlog tegen de Almoraviden. Aanvankelijk nam die de vorm aan van schermutselingen in het Atlasgebergte, waarbij Ibn Tumart om het leven kwam. Zijn opvolger nam in 1147 de Almoravidische hoofdstad Marrakesh in, liet zich benoemen tot kalief en veroverde heel de Afrikaanse noordkust tot Tripoli aan toe.

Lees verder “De Almohaden”

De Zeven Wonderen van België

Doopvont van Reinier van Hoei (Sint-Lambertuskerk, Luik)

Ik houd van fietstochtjes en eigenlijk interesseert het me niet zoveel waar ik begin en eindig. Ik ben weleens langs alle hunebedden gefietst; aan die ouwe stenen valt weinig te ontdekken, maar het is prettig fietsen in Drenthe en Groningen. Ook ben ik weleens om Vlaanderen gereden, doelloos maar tevreden. Mijn fietstocht rond Nederland is bijna voltooid. Het klassieke kwartet AalstPeutieZwevezeleGenoelselderen heb ik al binnen. En zoals het gaat: onderweg ontdek je links een mooi kasteel en rechts een smakelijk streekgerecht.

Een ander reisdoel-dat-geen-doel-is-maar-tussenstop-in-een-tochtje: de Zeven Wonderen van België. Ik begrijp dat het lijstje een halve eeuw geleden is gemaakt als een publiciteitscampagne om toeristen te lokken. Die zullen zich zeker niet bekocht hebben gevoeld: het is een mooi lijstje, waarin Vlaanderen en Wallonië elk met drie kunstwerken zijn vertegenwoordigd en Brussel met één. Ook chronologisch is het mooi verdeeld.

Lees verder “De Zeven Wonderen van België”

De Siciliaanse Vespers (1): Frederik II

Keizer Frederik II (Staatliche Münzsammlung, München)

Het was een van de grootste conflicten uit de West-Europese geschiedenis, maar het begon eenvoudig, met een bruiloft. In 1186 trouwde de zoon van keizer Frederik I Barbarossa, kroonprins Hendrik VI, met Constance, de dochter van koning Rogier II van Sicilië. Het was een niet zomaar een huwelijk. Als op een dag Rogier zou overlijden, zou zijn koninkrijk, dat behalve Sicilië ook Zuid-Italië besloeg, in handen komen van de man die op dat moment tevens de heerser was van het Heilige Roomse Rijk.

Acht jaar later, in 1194, was het zover: Duitsland en grote delen van Italië waren nu verenigd in persoonlijke unie. De Kerkelijke Staat lag nu ingeklemd tussen Europa’s sterkste militaire macht in het noorden en een rijk, goed georganiseerd koninkrijk in het zuiden. Van nu af aan verzetten de pausen zich met man en macht tegen de Hohenstaufen, zoals de keizerlijke dynastie van Frederik en Hendrik heette.

Lees verder “De Siciliaanse Vespers (1): Frederik II”

Turkse TV (4) Ertuğrul

Ertuğrul

Resurrection: Ertuğrul is geproduceerd door Bozdağ Film van Mehmet Bozdağ, een grote naam op het gebied van historische films en TV in Turkije. De serie gaat over Ertuğrul, ook wel Ertoğrul (met de titel Ertuğrul Ghazi), de vader van Osman I Ghazi, de stichter van het Ottomaanse Rijk.

In 1227 erfde hij het gezag over de Kayı-stam van de Oğuzen na de dood van zijn vader, Süleyman Şah. Süleyman Şah (sjah of shah) viel tijdens een vlucht voor een Mongoolse aanval en het oversteken van de Eufraat in het water en kwam zo aan zijn eind. Zijn zoon Ertuğrul kreeg de gebieden rondom Karaca Dağ, een berg nabij Angora (nu Ankara) van Ala ed-Din Kay Qubadh I, de Seljukische sultan van Rum. Later ontving hij ook nog, samen met de omringende gronden, het dorp Söğüt, dat later de hoofdstad van het Ottomaanse Rijk zou worden.

Lees verder “Turkse TV (4) Ertuğrul”

Het gebroken oor

Het beeldje van het Gebroken Oor (Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis, Brussel)

Wie tegenwoordig de Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis bezoekt in het Brusselse Jubelpark, kan er niet omheen: afbeeldingen van het bovenstaande precolumbiaanse beeldje duiken overal op, op de website, op affiches, op de voorgevel. Het is dan ook een van de beroemdste stukken uit de collectie.

Kuifje en het gebroken oor

Niet omdat het zo superbelangrijk is, want het is bepaald geen uniek object. Het speelt echter, met een in het echt niet beschadigd oor, een rol in Hergés Kuifje en het gebroken oor. In december 1935 konden de lezers van Le Petit Vingième lezen dat dit beeldje uit het museum was gestolen, maar gelukkig brengt Kuifje het uiteindelijk terug, na een reeks omzwervingen door de Latijns-Amerikaanse republiek San Theodoros en een bezoek aan de Arumbaya’s. Het is dus dankzij Hergé dar dit vermoedelijk het bekendste stuk is uit de Brusselse collectie.

Lees verder “Het gebroken oor”

Thermoluminescentie (en wat dat betekent)

Sao-sculptuur (Musée du Quai Branly, Parijs)

Oudheidkundigen hebben diverse dateringsmethoden. Terugwerkend: eerst is er de gangbare kalender, wat verder terug hebben we de Romeinse keizers en hellenistische koningen, nog wat dieper zijn er de Mesopotamische sterrenkundige dateringen. Daarnaast biedt de archeologie een stoer werkpaard: de koolstofdatering. Alleen: dat werkpaard heeft soms kuren. Elke datering behoeft kalibratie en daarnaast zijn er reservoireffecten en andere complicaties. En nog een probleem: organisch materiaal mineraliseert, en in sommige regio’s gaat dat erg snel.

Zoals de gebieden ten zuiden van de Sahara. De Romeinen ontmoetten kooplieden uit die regio, maar wisten daar – als we de route langs de Nijl even buiten beschouwing laten – maar weinig van. Het enige wat de klassieke auteurs ons aan informatie hebben nagelaten, zijn geruchten over goudbewakende gorgonen en amazones: een echo van de situatie in de Bambouk. Omdat archeologen dus  dateringsmoeilijkheden hebben, is er, vergeleken met bijvoorbeeld de Maghreb, een gat in onze kennis. Dit is een van de redenen dat subsaharaal Afrika een beetje wordt genegeerd. Zelfs Zenab Badawi, die in haar recente An African History of Africa licht wil werpen op dit werelddeel, besteedt er geen aandacht aan.

Lees verder “Thermoluminescentie (en wat dat betekent)”

Precolumbiaanse culturen

Tijdvak: 1500 v.Chr. - 1525 na Chr.
1500-1400 v.Chr.1400-1300 v.Chr.1300-1200 v.Chr.1200-1150 v.Chr.1150-1100 v.Chr.1100-1050 v.Chr.1050-1000 v.Chr.1000-0950 v.Chr.0950-0900 v.Chr.0900-0850 v.Chr.0850-0800 v.Chr.0800-0775 v.Chr.0775-0750 v.Chr.0750-0725 v.Chr.0725-0700 v.Chr.0700-0675 v.Chr.0675-0650 v.Chr.0650-0625 v.Chr.0625-0600 v.Chr.0600-0575 v.Chr.0575-0550 v.Chr.0550-0525 v.Chr.0525-0500 v.Chr.0500-0475 v.Chr.0475-0450 v.Chr.0450-0425 v.Chr.0425-0400 v.Chr.0400-0375 v.Chr.0375-0350 v.Chr.0350-0325 v.Chr.0325-0300 v.Chr.0300-0275 v.Chr.0275-0250 v.Chr.0250-0225 v.Chr.0225-0200 v.Chr.0200-0175 v.Chr.0175-0150 v.Chr.0150-0125 v.Chr.0125-0100 v.Chr.0100-0075 v.Chr.0075-0050 v.Chr.0050-0025 v.Chr.0025-0001 v.Chr.0001-0025 na Chr.0025-0050 na Chr.0050-0075 na Chr.0075-0100 na Chr.0100-0125 na Chr.0125-0150 na Chr.0150-0175 na Chr.0175-0200 na Chr.0200-0225 na Chr.0225-0250 na Chr.0250-0275 na Chr.0275-0300 na Chr.0300-0325 na Chr.0350-0375 na Chr.0375-0400 na Chr.0400-0425 na Chr.0425-0450 na Chr.0450-0475 na Chr.0475-0500 na Chr.0500-0525 na Chr.0525-0550 na Chr.0550-0575 na Chr.0575-0600 na Chr.0600-0625 na Chr.0625-0650 na Chr.0650-0675 na Chr.0675-0700 na Chr.0700-0725 na Chr.0725-0750 na Chr.0750-0775 na Chr.0775-0800 na Chr.0800-0825 na Chr.0825-0850 na Chr.0850-0875 na Chr.0875-0900 na Chr.0900-0925 na Chr.0925-0950 na Chr.0950-0975 na Chr.0975-1000 na Chr.1000-1025 na Chr.1025-1050 na Chr.1050-1075 na Chr.1075-1100 na Chr.1100-1125 na Chr.1125-1150 na Chr.1150-1175 na Chr.1175-1200 na Chr.1200-1225 na Chr.1225-1250 na Chr.1250-1275 na Chr.1275-1300 na Chr.1300-1325 na Chr.1325-1350 na Chr.1350-1375 na Chr.1375-1400 na Chr.1400-1425 na Chr.1425-1450 na Chr.1450-1475 na Chr.1475-1500 na Chr.1500-1525 na Chr.
Olmeeks portret (Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis, Brussel)

Deze blog begon ruim dertien jaar geleden als een algemeen medium, zeg maar als een soort dagelijkse krant, en veranderde al snel in een blog over de Oudheid. Ik heb Rome, Griekenland, Egypte, Mesopotamië en Perzië altijd gepresenteerd in samenhang met Centraal-Eurazië en met Afrika; de Indusbeschaving en China kregen wat minder aandacht omdat ik er wat minder van weet. En Precolumbiaans Amerika kreeg pas de laatste jaren wat aandacht.

Eén reden daarvoor is dat ik meende dat de Precolumbiaanse culturen niet goed pasten bij de definitie van de oude wereld: de periode waarover we naast het archeologische bewijs al geschreven bronnen hebben, maar niet zó veel bronnen dat we aan echte geschiedvorsing kunnen denken. Eigenlijk, dacht ik, bestaat deze situatie in de Amerika’s alleen in de ruime eeuw vóór Cortés en Pizarro. Maar er zijn veel meer teksten, oudere ook, dan ik dacht. Een tweede reden: voor de op deze blog behandelde materie over de Oude Wereld kan ik zonder de Azteken en Inka’s uit de Nieuwe Wereld. En ook daarover ben ik anders gaan denken.

Lees verder “Precolumbiaanse culturen”

De Notre-Dame: andere verhalen

Een spuwer van de Notre-Dame van Parijs

[Dit is het laatste van vier door Hans Overduin geschreven blogjes over de Notre-Dame van Parijs. Het eerste was hier.]

Zelfmoord

Een gebouw met twee bijna zeventig meter hoge torens is een voor de hand liggende plaats om zelfmoord te plegen. Zo gaat het verhaal dat in 1882 een jonge vrouw zich bij een beheerder van de kathedraal vervoegde met het verzoek een van de torens te mogen beklimmen. De man weigerde in eerste instantie omdat de vrouw geen begeleider had. Ze vond echter een oudere vrouw die bereid was met haar mee te gaan, en eenmaal boven wipte de jonge vrouw over het randje om een onontkoombare dood tegemoet te vallen. Haar geest wordt nog regelmatig gezien op het dak of op de torens.

Een historische zelfmoord is die van Antonieta Rivas Mercado, een Mexicaanse schrijfster, feministe en kunstkenner die zichzelf in 1931 door het hoofd schoot op het hoogaltaar. Ze was verliefd geworden op de politicus José Vasconcelos en was hem gevolgd naar Parijs. De affaire was nogal uitzichtloos aangezien hij getrouwd was en weinig bereidwilligheid toonde te scheiden van zijn echtgenote. Toen Antonieta die feiten onder ogen zag, beroofde ze zichzelf van het leven met het pistool van Vasconcelos. Opnieuw was de Notre Dame een geest rijker.

Lees verder “De Notre-Dame: andere verhalen”

De Notre-Dame: spookverhalen

De duivel in de Notre-Dame van Parijs

[Dit is het derde van vier door Hans Overduin geschreven blogjes over de Notre-Dame van Parijs. Het eerste was hier.]

Een blog over de Notre-Dame zou incompleet zijn zonder een paar opmerkingen over de spookverhalen in en rond de Parijse kathedraal. Ter zake dus, en dan beginnen we met het boek dat (mede) aanleiding was tot alle gespook.

Quasimodo

Rond 1830 verkeerde de kerk in een dermate deplorabele staat – vooral het interieur – dat de Parijzenaars overwogen de kerk maar af te breken. Met de publicatie van de roman Notre-Dame de Paris (1831) van Victor Hugo, in de Nederlandse vertaling bekend onder de titel De klokkenluider van de Notre Dame, kwam de kerk echter dermate in het middelpunt van de belangstelling te staan dat koning Louis Philippe besloot de kathedraal te laten restaureren.

Het overbekende boek biedt een accuraat portret van het middeleeuwse Parijs, zoals men zich dat voor de geest haalde in de vroege negentiende eeuw. Met verwijzingen naar de eigen tijd. Het is namelijk aannemelijk dat het fictieve personage van Quasimodo is geïnspireerd op een gebochelde steenhouwer die rond 1820 werkzaamheden aan de kathedraal zou hebben verricht en die Hugo persoonlijk gekend zou hebben. De man zou als kluizenaar hebben geleefd en bekend hebben gestaan als Monsieur Le Bossu, “de gebochelde”.

Lees verder “De Notre-Dame: spookverhalen”

De Notre-Dame: muziek

Sculptuur van de Notre-Dame van Parijs

[Dit is het tweede van vier door Hans Overduin geschreven blogjes over de Notre-Dame van Parijs. Het eerste was hier.]

Vijf jaar geleden, onmiddellijk na de brand van de Notre-Dame, vatte de Grieks-Nederlandse componiste Calliope Tsoupaki de betekenis van de Parijse kathedraal voor de kerkmuziek samen:

De brand was een grote ramp. Terecht is veel geschreven over de waarde van de kerk voor het christendom, de architectuur en de kunst. Maar ook voor de muziek is de kathedraal een symbool. In de Notre-Dame is de eerste meerstemmige muziek gecomponeerd. De overweldigende ruimte en de grootse akoestiek inspireerden de koormeesters rond 1200 om het eenstemmige gregoriaans te verrijken met extra stemmen en muzikale ornamenten. Dat was een ongekende revolutie. De Notre-Dame is de wieg van onze westerse muziek. Gelijk na de brand ben ik begonnen met het componeren van Pour Notre-Dame: voor Onze-Lieve-Vrouw, voor de kerk en voor de muziek die ons allemaal verbindt.

Lees verder “De Notre-Dame: muziek”