B1: Het leven van Boeddha

Koningin Maya vertelt haar echtgenoot Suddhodana over een droom die de geboorte van Siddharta, de latere Boeddha, voorspelt (Allard Pierson-museum, Amsterdam)

[Het boeddhisme was vanaf ongeveer 400 v.Chr. tot circa 700 na Chr. de belangrijkste levensbeschouwing in de regio van het huidige Afghanistan, Pakistan, Nepal en India. Daarna raakte het boeddhisme overvleugeld door nieuwe vormen van de hindoeïstische religies en de islam. Het geloof van Boeddha kon zich echter handhaven in China.

Misschien heeft het boeddhisme enige invloed gehad op de westerse wereld, zoals op het denken van Hegesias en Pyrrhon van Elis, al bestaat het bewijs vooral uit overeenkomsten. Ideeën kunnen natuurlijk ook op verschillende plaatsen ontstaan. Tot de contactpunten zouden de rijken langs de Zijderoute kunnen hebben behoord. Hoe dan ook: er is alle reden voor een serie over het boeddhisme, die is geschreven door Kees Alders.]

Volgens de overlevering werd Boeddha geboren als Siddhartha Gautama, een koningszoon. Boeddha betekent ‘de verlichte, de ontwaakte’. Zijn levensverhaal wordt verteld als een legende, die geschiedkundig niet al te letterlijk genomen moet worden, maar wel erg mooi en ontroerend is.

Lees verder “B1: Het leven van Boeddha”

Sofokles

Sofokles (Museo Barracco, Rome)

Het genre van de tragedie had ooit alleen een koor en een koorleider gehad. Thespis, een wat schimmige figuur uit de zesde eeuw v.Chr., was op het idee gekomen er een acteur tegenover te plaatsen. Dat was al een stuk levendiger. Aischylos, over wie ik een tijdje geleden blogde, had daar nog een tweede acteur toegevoegd, zodat werkelijk drama mogelijk was. Een generatie later voegde Sofokles (496-406 v.Chr.) er nog een derde acteur aan toe. Een van zijn stukken veronderstelt zelfs nog een vierde acteur.

Hij – ik bedoel Sofokles – introduceerde speciaal voor de gelegenheid, geschilderde decors en vergrootte ook het koor van twaalf tot vijftien zangers. U moet overigens weten dat het Grieks een melodisch accent heeft en hoewel we niet precies weten hoe het klonk, neemt wel aan dat een accent aigu tot wel een kwint hoger kon zijn. Als de vijftien zangers een stuk spreektaal declameerden, klonk het dus als vanzelf als een lied.

Lees verder “Sofokles”

De joodse Diaspora (2)

Joods grafschrift uit Rome (Museo nazionale delle terme, Rome)

In het vorige stukje noemde ik de plaatsen waar aan het begin van de jaartelling Joden leefden. Dat was eigenlijk in de hele antieke wereld.

Variatie

Het gaat om groepen wier interne autonomie door het Romeinse Recht werd erkend, wat ook logisch was, want men kon alleen leven naar de eigen regels als de rest van de stedelijke gemeenschap daar een beetje rekening mee hield. Flavius Josephus biedt een opsomming van de rechten die Julius Caesar in een dozijn steden verleende aan de Joodse minderheden.

Ik gebruik tot nu toe de hoofdletter J, want tot nu toe ging het nauwelijks om religie. Maar de verspreiding van het volk betekende wel dat variatie ontstond in de joodse godsdienstige gebruiken en ideeën. Er waren allerlei afwijkingen van wat in het moederland gangbaar was. Er zijn bijvoorbeeld aanwijzingen dat Diaspora-Joden tijdens de sabbat vastten, wat mogelijk een manier was om in een overwegend niet-Joodse omgeving de spijswetten en sabbatsrust enigszins in acht te nemen. Later zou men in Rome het paaslam slachten zoals men dat in Jeruzalem had gedaan toen de tempel er nog stond, hoewel deze gewoonte in Judea was afgeschaft.

Lees verder “De joodse Diaspora (2)”

De joodse Diaspora (1)

De synagoge van Sardes, een belangrijk centrum in de Diaspora

Binnenkort is het Pinksteren en ongetwijfeld zal in de kerken een beroemde passage worden voorgelezen uit de Handelingen van de Apostelen. Context: het is de tijd van het Wekenfeest (Sjavoeot) en de Heilige Geest daalt in Jeruzalem neer op Jezus’ leerlingen, die voortaan in alle talen van de wereld kunnen spreken – een omgekeerd Babel. De omstanders zijn verbaasd:

“Hoe kan het dan dat wij hen allemaal in onze eigen moedertaal horen? Parthen, Meden en Elamieten, inwoners van Mesopotamië, Judea en Cappadocië, mensen uit Pontus en Asia, Frygië en Pamfylië, Egypte en de omgeving van Kyrene in Libië, en ook Joden uit Rome die zich hier gevestigd hebben, Joden en proselieten, mensen uit Kreta en Arabië – wij allen horen hen in onze eigen taal spreken over Gods grote daden.”noot Handelingen 2.7-11; NBV21.

Lees verder “De joodse Diaspora (1)”

Aristofanes

Aristofanes (Kunsthistorisch Museum, Boedapest)

Een tijdje geleden blogde ik over Menandros, de Griekse blijspeldichter. Hij beïnvloedde de Romeinse komedie en daardoor, indirect, ook het toneel van de Renaissance. Iets preciezer gezegd: het Renaissancetoneel zette een middeleeuwse traditie voort maar daarbinnen volgden de auteurs klassieke voorbeelden. Zo ontstond toneel dat voor ons herkenbaar is. Als een hedendaags toneelgezelschap Menandros zou spelen, zouden wij het kunnen begrijpen.

Dat valt niet te zeggen van de andere komedieschrijver waarover we zijn geïnformeerd: de Athener Aristofanes (c.425-c.380 v.Chr.). Je kunt de vraag stellen of zijn toneelstukken wel komedies zijn, want een goed uitgewerkte plot is maar zelden aanwezig. Het begint altijd met een briljant plan (“laten we de god van de rijkdom genezen van zijn blindheid”, “ik ben de oorlog zat en sluit een privévrede”…), en dat plan leidt vervolgens tot een aantal tamelijk absurde scènes. Eind goed al goed, daarna; vaak is er een feestmaal. Muziek speelde een belangrijke rol in deze komedies, en bood misschien wat consistentie aan de opvoering. Maar we weten daar weinig van.

Lees verder “Aristofanes”

De rand van de oude wereld: Al-‘Ula

De omgeving van Al-‘Ula

Zoals u wellicht weet, proberen de Arabische oliestaten zich aan te passen aan een wereld waarin de petroleumdollars niet langer als vanzelf binnenstromen. Men investeert in groene technologieën, zet in op scholing, ontwikkelt filmstudio’s en haalt toeristen binnen. Saoedi-Arabië heeft het noordwesten, dat grenst aan Jordanië en de Rode Zee, aangewezen als ontwikkelingszone. Daar strekt de Al-‘Ula-oase zich uit over een lengte van ongeveer veertig kilometer. Althans, dat heb ik gelezen; ik ben nog nooit in Saoedi-Arabië geweest. In elk geval is het gebied weliswaar droog, maar zijn er flashfloods; wie dammen, qanats (ondergrondse waterleidingen) en cisternen bouwt, kan het water goed beheren en boomgaarden aanleggen. Denk aan palmbomen.

Dedan / Lihyan

Binnen de oase zijn diverse nederzettingen, die zich in de Vroege IJzertijd ontwikkelden tot het vroege koninkrijkje Dedan. De voornaamste nederzetting is geïdentificeerd bij Al-Khuraybah. Het is hetzelfde proces als waarmee in het noorden Edom, Moab, Ammon, Juda en Israël ontstonden. Hoewel onze informatie beperkt is, zijn diverse monumenten geïdentificeerd, zoals de tempel voor Dhu Ghaybah, de god van het water en de landbouw. De inscripties zijn geschreven in een alfabet en een taal die we Dedanitisch noemen. De Arabische taal arriveerde pas later.

Lees verder “De rand van de oude wereld: Al-‘Ula”

De Griekse stad Thebe

Boiotisch beeldje van Europa op de stier (Allard Pierson-museum, Amsterdam)

Zeg Griekenland en mensen denken aan Athene en Sparta. De eerste associatie zal zelden Korinthe, Milete of Argos zijn, of Syracuse of Kyrene. Of Thebe. Terwijl die laatste stad heel belangrijk is geweest. Het misschien wel beste bewijs is dat de eigen sagen van Thebe niet alleen bewaard zijn, maar algemeen Grieks erfgoed zijn geworden. We kennen de verhalen over Dionysos, Oidipous, Antigone en de Zeven tegen Thebe bijvoorbeeld uit Atheense toneelstukken en afbeeldingen uit de hele Griekse wereld.

In de archaïsche tijd was Thebe dus een culturele trendsetter. De dichter Pindaros was een Thebaan en er waren filosofen. En Thebe was een machtige stad, die deelnam aan de kolonisatie en de omliggende steden organiseerde in de zogeheten Boiotische Bond.

Lees verder “De Griekse stad Thebe”

Het Akitu-festival

Tablet over Akitu (Louvre, Parijs)

Akitu is de oeroude naam voor het nieuwjaarsfeest in het oude Nabije Oosten. Al in het derde millennium v.Chr. vierden de Sumeriërs het feest van het zaaien van gerst. Dat was aan het begin van de eerste maand van het jaar, dat wil zeggen in maart/april. In de Babylonische kalender  heette die maand Nisannu – uw agenda zou u kunnen vertellen dat morgen (en eigenlijk al vanavond) 1 Nisan is op de joodse kalender. De Babyloniërs spraken ook wel van rêš šattim, “de kop van het jaar”.

In de grote stad Babylon, waarover we de meeste informatie hebben, had de bevolking vrijaf. De festiviteiten vonden plaats op twee locaties: in de tempel van de oppergod Marduk, de Esagila, en in het “Nieuwjaarshuis” benoorden de stad. Behalve Marduk stond ook zijn zoon Nabu, de god van de wijsheid, centraal.

Lees verder “Het Akitu-festival”

Het Hefaisteion

Het Hefaisteion in Athene

Hefaistos, de Griekse god van de smeedkunst, had een bijzondere band met de stad Athene. Net als de stadsgodin Athena. Beide hadden de mensheid ambachten en kunsten bijgebracht, beide werden vereerd in een gedeeld festival, de Chalkeia, en samen deelden ze een tempel. Die lag op een heuvel bij de Atheense agora, verkeert nog in uitstekende staat en heet Hefaisteion.

De bouw van het Hefaisteion

De constructie van het Hefaisteion behoort tot de stedelijke vernieuwing van Athene rond het midden van de eeuw. Begonnen in 449 v.Chr. werd de bouw een project van de lange adem: het dak lijkt tussen 421 en 415 te zijn gebouwd en pas daarna kon het heiligdom in gebruik worden genomen.

Lees verder “Het Hefaisteion”

De kat en haar naam

Biologen geven dieren en planten geleerde Latijnse namen en u zult bij het horen van het woord Felis wel vermoeden dat het gaat om de kat. Is het niet om de kattenbrokjes, dan wel om de tekenfilmpjes. Omdat de Romeinen er een naam voor hadden, wisten ze van het bestaan van het dier.

De verspreiding van de kat

Dat blijkt niet alleen uit teksten, maar ook uit archeologische vondsten. Een geschiedenis van de kat in de Oudheid zou kunnen beginnen in de Late Steentijd, toen wilde katten in het Nabije Oosten zich aangetrokken voelden door de muizen op de eerste boerderijen. Daar zijn ze door de bewoners gedomesticeerd. Of misschien domesticeerden de katten wel de mens, opdat die voor hen zou zorgen in tijden van muizenschaarste.

Lees verder “De kat en haar naam”