De Saksen

Luit van der Tuuk, die u wellicht kent van zijn boeiende boeken over de Franken, Dorestad, de Friezen (e-book), Bonifatius en de Vikingen, heeft alweer een mooi boek geschreven. Het heet gewoon De Saksen, en dat is, zoals hij in de inleiding al aangeeft, een kneedbaar begrip. Eeuwenlang waren de Saksen vooral degenen die door anderen werden aangeduid als de Saksen.

De eerste Saksen

Het probleem is niet eens zozeer dat de Saksen lange tijd “people without history” zijn geweest, die zelf geen bronnen schreven. Zeker, we kennen ze aanvankelijk vooral uit de beschrijvingen van Romeinse en Frankische auteurs, die hun beschouwden als barbaarse tegenstanders. Maar het feitelijke probleem is wezenlijker. De Romeinse en Frankische bronnen zijn namelijk niet alleen vooringenomen, ze zijn voor heel schaars en heel ambigu.

Lees verder “De Saksen”

Laatantiek Andalusië

Pegasos (Archeologisch Museum, Córdoba)

De invloedrijkste Romein uit Romeins Andalusië, waarover ik gisteren blogde, zal Hosius wel zijn geweest. U heeft nog nooit van hem gehoord, maar deze bisschop van Córdoba was de religieuze adviseur van keizer Constantijn (r.306-337). Hij heeft hem niet alleen begeleid bij zijn eerste kennismaking met het christendom, maar hem er ook van overtuigd – en dit was beslissend – dat wie Christus vereerde, alléén Christus mocht vereren, en dat er slechts één correcte wijze was. Dat Christus als godheid erkend zou worden, was nooit een Romeins probleem; dat je andere goden afwees, staat bekend als proto-orthodox, en het stond niet in de sterren geschreven dat deze specifieke vorm van christendom dominant zou worden. Evenmin was het vanzelfsprekend dat christenen zich zouden uitputten in het vinden van de meest correcte formulering van een orthodoxie.

Hosius’ invloed op het latere christendom was dus groot. Het is misschien geen toeval dat de man die dit christendom uiteindelijk doorduwde, keizer Theodosius I (r.378-395) eveneens afkomstig was uit Spanje. Ook de eerste christen die om zijn geloofsovertuiging door mede-christenen werd gedood, Priscillianus, was een Spanjaard.

Lees verder “Laatantiek Andalusië”

Prokopios (slot)

Justinianus (Venetië)

[Dit is het laatste van vijf blogjes over de Byzantijnse geschiedschrijver Prokopios van de hand van Hein van Dolen. Het eerste was hier.]

Het schrijven van Anekdota is door latere geleerden niet op prijs gesteld. Prokopios werd betiteld als een rancuneus man, een reactionair en een achterbakse oude hypocriet. Bijna iedereen heeft getwijfeld aan het waarheidsgehalte van zijn roddelpraat en men nam hem kwalijk dat hij zijn informatie putte uit de achterklap die hij op straat of in de kroeg moet hebben gehoord en die hij zonder enige kritiek in zijn geschrift heeft overgenomen.

Toch zijn sommige mededelingen door tijdgenoten bevestigd. Zo schrijft Euagrios Scholastikos (circa 536-na 594), de auteur van een Kerkgeschiedenis:

Er is ook een andere karaktertrek van Justinianus, een gebrek dat elke denkbare dierlijkheid te boven gaat. Of deze karakterzwakte te wijten was aan lafheid en angst, kan ik niet zeggen, maar zij trad duidelijk aan de dag tijdens het Nika-oproer.noot Euagrios Scholastikos, Kerkgeschiedenis 4.32.

Lees verder “Prokopios (slot)”

Prokopios (4)

Theodora (Römisch-Germanische Zentralmuseum, Mainz)

[Dit is het vierde van vijf blogjes over de Byzantijnse geschiedschrijver Prokopios van de hand van Hein van Dolen. Het eerste was hier.]

Wat bewoog Prokopios?

Men heeft zich vaak afgevraagd waarom Prokopios zo gebeten was op keizer Justinianus en zijn vrouw. Er zijn geen gegevens voorhanden waaruit zou blijken dat zij hem persoonlijk hebben dwarsgezeten of zijn positie hebben benadeeld. Er moet dus naar een andere verklaring gezocht worden.

De moeilijkheid is dat we over het leven van Prokopios zo slecht zijn ingelicht. Vanwege zijn enorme belezenheid en eruditie is wel verondersteld dat hij uit de hogere kringen afkomstig moet zijn geweest, want alleen de jeunesse dorée werd in die tijden in staat gesteld hoger onderwijs te volgen. Het is denkbaar dat hij, als lid van de oude, reactionaire adel, zich geërgerd heeft aan de opgeklommen provinciaal en dat hij, vanuit een standsvooroordeel, hun doen en laten met de grootste afkeuring heeft bezien. Het moet voor hem een gruwel zijn geweest een vrouw op de verheven keizertroon te zien zitten die haar jeugd op het toneel en in het bordeel had doorgebracht.

Lees verder “Prokopios (4)”

Prokopios (3)

[Dit is het derde van vijf blogjes over de Byzantijnse geschiedschrijver Prokopios van de hand van Hein van Dolen. Het eerste was hier.]

De keerzijde van de medaille

Terwijl Prokopios zijn Gebouwen aan het schrijven was, vatte hij het plan op om een soort commentaar op zijn grote geschiedwerk, Oorlogen, te maken. Hij was langzamerhand tot het besef gekomen dat hij de zaken daarin veel te rooskleurig had voorgesteld en wilde nu de keerzijde van de medaille tonen. De zo geroemde kwaliteiten van keizer Justinianus werden volgens hem overschaduwd door zijn minder prettige eigenschappen en Theodora was nog een graadje erger. Prokopios besloot de volle waarheid uit de doeken te doen.

Nu was het in die tijd een riskante onderneming om de waarheid te onthullen. Dit was Prokopios zich maar al te goed bewust. Hij zag het gevaar in dat hij door een geheim agent zou worden betrapt en zijn leven op de pijnbank zou eindigen. Niemand was te vertrouwen, zelfs de naaste familie niet. Maar de innerlijke noodzaak om te zeggen wat er werkelijk aan de hand was geweest bleek sterker, en “met klapperende tanden” begon hij aan zijn “enorme taak” om het schandelijke optreden van het keizerspaar én van generaal Belisarius met diens vrouw aan de kaak te stellen.

Lees verder “Prokopios (3)”

Prokopios (2)

Theodora (Bodemuseum, Berlijn)

[Dit is het tweede van vijf blogjes over de Byzantijnse geschiedschrijver Prokopios van de hand van Hein van Dolen. Het eerste was hier.]

Belisarius

Van de regeringsperiode van keizer Justinianus, waarover het vorige blogje ging, zijn we goed op de hoogte door de boeken van Prokopios. Deze omstreeks 507 in het Palestijnse Caesarea geboren schrijver was afkomstig uit de christelijke bovenlaag van zijn vaderstad en had daar een gedegen opleiding genoten in de welsprekendheid en het recht. In Constantinopel kwam hij in dienst van de toen nog jonge generaal Belisarius en hij vergezelde zijn meester bij de expedities naar verschillende delen van de toenmalige wereld.

Hij werd diens privésecretaris en juridisch adviseur. Als zodanig vervulde hij enkele verantwoordelijke opdrachten in verband met de vloot en de voedselvoorziening. Met zijn vaardige pen en zijn fenomenale beheersing van het klassieke Grieks leek hij de aangewezen man om de geschiedenis van de militaire successen te beschrijven. Zijn hoofdwerk heeft de titel Oorlogen meegekregen. Het is niet zeker of Prokopios zelf zijn magnum opus zo heeft genoemd, maar in elk geval dekt de vlag de lading niet volkomen. Behalve de veldtochten van Belisarius staan er lange uitweidingen in over de geografie en de geschiedenis van vreemde volkeren en de wederwaardigheden in de hoofdstad, onder meer een ooggetuigenverslag van de pest in 542.

Lees verder “Prokopios (2)”

Prokopios (1)

Justinianus (Louvre, Parijs)

Laten we beginnen met twee typeringen van keizer Justinianus.

Justinianus heeft de staat groter en veel stralender gemaakt en haar veel meer glans verleend door de oude kwelgeesten, de barbaren, te verdrijven … Hij heeft de armen grote welstand bezorgd en aan hun benarde positie een einde gemaakt. Dankzij hem is aan de burgers een gelukkig leven ten deel gevallen.noot Prokopios, Gebouwen 1.1.6 en 1.1.10.

Justinianus was onbetrouwbaar als vriend en onverzoenlijk als vijand. Hij deed niets liever dan moorden en roven, en was twistziek en tegendraads. Voor slechte raad was hij ontvankelijk, maar hij luisterde nooit naar een goed advies, gespitst als hij was op het uitbroeden en uitvoeren van boze plannen. Alleen al het horen praten over iets goeds was voor hem onverteerbaar.noot Prokopios, Anekdota.8..26.

Lees verder “Prokopios (1)”

De Palatijn

De Domus Augustana op de Palatijn

Ik heb me zelden in mijn leven zó in mijn oudheidkundige waanwijsheid betrapt gevoeld als op een grijze decemberdag, nu een jaar of twintig geleden, in Rome. Ik was met twee studenten op het Forum Romanum en we wandelden naar de Palatijn, de heuvel waar ooit de keizerlijke paleizen stonden en waar Romulus de stad zou hebben gesticht. Uiteraard moest ik alles uitleggen en stond ik al in de doceerstand toen een van de studenten (de Lauren van Zoonen die hier ook weleens leuke blogs schrijft) zei dat dit toch wel een magische plek was.

Bam. Dat was ik even vergeten. Maar Rome is natuurlijk niet slechts een plaats waar allerlei oudheidkundig interessants is te zien. Het is ook een plek die je moet ervaren. Er is niets mis met Ruinenlust. Zeker op de Palatijn, waar de overblijfselen van de oude gebouwen zijn opgenomen in een prachtig park, dat zelfs op een grijze decemberdag magisch is.

Lees verder “De Palatijn”

Perzisch Cilicië

De Perzische satraap van Cilicië (Pergamonmuseum, Berlijn)

[Tweede van drie blogjes over Cilicië, het zuiden van het huidige Turkije; het eerste blogje las u hier.]

Een nieuw koninkrijk

In 612 v.Chr. veroverden de Babyloniërs en de Meden de Assyrische hoofdstad Nineveh. Hilakku, zoals Cilicië op dat moment nog heette, herwon meteen zijn onafhankelijkheid. Vanuit de hoofdstad Tarsos regeerde de Syennesis, zoals de vorst werd genoemd, over zowel het vlakke oosten als het bergachtige, rauwe westen en noorden. De titel van de heerser is de Griekse weergave van het Luwische suuannassaì, wat zoiets wil zeggen als “aan de hond gewijd”. Zoals u al vermoedde heeft het niet ontbroken aan speculaties over de betekenis.

De Griekse onderzoeker Herodotos van Halikarnassos vermeldt de eerste ons bekende Syennesis. Die zou, samen met ene “Labynetos” uit Babylon (waarschijnlijk de latere koning Nabonidus), in 585 v.Chr. als neutrale bemiddelaar de onderhandelingen hebben geleid over een vredesverdrag tussen enerzijds koning Alyattes van Lydië en anderzijds Kyaxares, de leider van de Meden. (Misschien herinnert u zich mijn blogje, twee maanden geleden, over de vreemde veldslag tussen deze twee volken.) De vermelding van deze Syennesis bevestigt dat Cilicië rond 585 onafhankelijk was en niet behoorde tot het Babylonische Rijk van koning Nebukadnezar.

Lees verder “Perzisch Cilicië”

De Tochaarse talen

De stichters van een boeddhistisch klooster aan de noordrand van de Taklamakanwoestijn (Humboldtforum, Berlijn)

Het westelijk deel van wat wij China noemen, bestaat uit het zogeheten Tarimbekken, waarin de Taklamakanwoestijn ligt. Menselijk leven is alleen mogelijk aan de randen daarvan. De Zijderoute loopt dus óf ten zuiden óf ten noorden van dit bassin. De noordelijke rand is verkend door Duitse expedities, die grotten vol boeddhistische schilderingen én teksten aantroffen. Wat ze vonden, is nu te zien in het Humboldtforum in Berlijn. Een andere ontdekkingsreiziger was Aurel Stein. Dit is de Aurel Stein die ook de route van Alexander de Grote in de Swatvallei heeft verkend.

Tochaars-A en Tochaars-B

En hij ontdekte manuscripten in twee vergeten talen, die zijn vernoemd naar een volk dat ooit in de omgeving gewoond zou kunnen hebben, de Tocharen. Of de Tocharen werkelijk de talen spraken die wij Tochaars noemen, is niet zo belangrijk. Wel belangrijk is dat het aanbod aan teksten, dankzij de droge woestijn, vrij groot is. Van het Tochaars-A, dat ook weleens Turfaans is genoemd omdat sommige teksten uit de Turfan-oase komen, zijn ongeveer 2000 teksten over. Van het Tochaars-B zijn 9000 teksten over. Ze zijn geschreven in de Late Oudheid.

Lees verder “De Tochaarse talen”